Clarice Lispector laat de man de hond bijten

lispectorbron foto: blogs.opovo.com.br

Ik weet nog toen je klein was, dacht hij vertederd, zo klein, snoezig en frêle, kwispelend keek je me aan. En ik ontdekte ineens in jou een nieuwe vorm om mijn ziel te bezitten. Maar toen al werd je elke dag meer en meer een hond die verlaten zou kunnen worden. Intussen werden onze spelletjes gevaarlijk, omdat we elkaar te goed begrepen, herinnerde de man zich tevreden. En het eindigde ermee dat jij tegen me begon te grommen en me begon te bijten en ik lachend een boek naar je gooide. Maar wie weet wat die vreugdeloze lach van mij toen al inhield. Jij was elke dag een hond die verlaten zou kunnen worden.

En wat je de straten niet besnuffeld hebt! dacht de man even lachend, je liet geen steen onberoken… Dat was jouw kinderlijke kant. Of was dat de manier waarop jouw ware hond-zijn gestalte kreeg? En speelde je slechts de rest – namenlijk dat je van mij was. Want je was ontembaar. En door je rustige gekwispel leek je stilletjes de naam die ik je gegeven had, te weigeren. Ja, je was echt ontembaar: ik wilde niet dat je vlees at en zo een wild dier zou worden. Maar op een dag ben je op de tafel gesprongen en heb je, onder het gejuich van de kinderen, het vlees weggegrist en in een wilde staat, die niet van het voedsel afkomstig is, heb je me zwijgend en ontembaar aangekeken, het vlees in je bek. Want hoewel je van mij was, heb je nooit ook maar iets van je verleden of van je aard prijsgegeven. En ongerust geworden, begon ik te begrijpen dat jij niet van mij eiste dat ik iets van mijn aard prijsgaf om van jou te kunnen houden en dat begon me te hinderen. Juist daar waar onze twee karakters elkaar in de weerspannigheid van de realiteit ontmoetten, verwachtte jij dat we elkaar snapten. Mijn en jouw onstuimigheid hoefden niet te worden ingeruild voor vertroetelingen: dat bracht je me langzaam aan bij en dat was ook wat me langzaam aan ging bedrukken. Door niets van mij te vragen, vroeg je me teveel. Van jezelf eiste je dat je een hond was, van mij eiste je dat ik een mens was. En ik, ik verhulde dat zoveel mogelijk. Soms zat je op je achterpoten recht voor me en kon je me zo vreselijk bespieden! Ik keek dan naar het plafond, begon te hoesten, hield me van de domme, bestudeerde mijn nagels. Maar niets bracht jou van de wijs: jij bespiedde me. Aan wie zou je dat gaan vertellen? Doe maar snel of je een ander bent, zei ik dan tegen mezelf, ga op een andere golflengte zitten, aai hem een beetje en gooi hem een bot toe – maar niets bracht je van de wijs: je bespiedde me. Stommeling die ik was, ik zat te beven, terwijl jij de onschuld zelve was. Ik had me moeten omdraaien en jou ineens mijn ware gezicht laten zien en jij zou rechtop, gekwetst, naar de deur zijn gelopen, voor altijd beledigd. O, jij was al die tijd een hond die verlaten kon worden. Ik had het voor het kiezen. Maar jij kwispelde vol vertrouwen met je staart.

Uit: De misdaad van de wiskundeleraar; uit: Het uur van de ster – Clarice Lispector, De Geus Breda, 1994; vertaling Ruud Ploegmakers

Clarice Lispector (1925 – 1977, Braziliaans)

Wat ben ik gaandeweg enthousiast geworden over het werk van deze Braziliaanse onbekende parel aan de literatuur-ketting. Wat kan die vrouw schrijven! Gelaagd, universeel in haar thema’s met kracht; altijd geworteld in de dagelijkse realiteit en herkenbaar in het menselijk falen van vooral haar vrouwelijke hoofdpersonages.

Lispector leefde in een Braziliaans samenleving die censuur kende. Van 1964 tot 1979 was het Latijns-Amerikaanse land een rechtse dictatuur. Haar verhalen laten onderhuidse kritiek zien op die maatschappij. In haar verhalen is er voortdurend onrust en dreiging.

‘Haar personages, hun vragen en problemen lijken op elkaar. Het zijn meestal meisjes en vrouwen die leven in een op het eerste gezicht perfect georganiseerde wereld waarin ze overbodig zijn. Hun behoefte aan vrijheid en onconventioneel leven wordt onderdrukt. Door een incident dat de dagelijkse sleur onderbreekt, komen ze met een schok tot inzicht in de leegte van hun bestaan. De schok is echter zo bedreigend, dat ze de grootste moeite doen om weer in het oude gareel te gaan lopen. Ze zijn niet in staat hun lot in eigen hand te nemen en het te veranderen om tot het ‘wilde hart’ van het leven door te dringen’, schrijft vertaalster Hermien Gaikhorst in een nawoord. Daarmee gaf Lispector een doorkijkje naar een bedenkelijke periode in het Braziliaanse leven van die tijd vanuit haar vrouwelijk perspectief. Een mooi en overdonderend tijdsbeeld.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s