Ian McEwan en het onherleidbare menselijke element

Ik las Amsterdam van de Britse schrijver Ian McEwan (1948, Aldershot). Een schrijver die veel en vaak indruk maakt door zijn onnavolgbare personages en de extreme gebeurtenissen in zijn boeken. De cementen tuin (1978) maakte op mij een diepe indruk.

In Amsterdam volgen we de drie hoofdpersonen: Clive, componist die bezig is met een symfonie die het werk van Beethoven naar de kroon gaat steken. Vernon, hoofdredacteur van een krant die op het punt staat met een belastende primeur te komen, die de oplagecijfers naar grote hoogte moet stuwen. En Garmony, een politicus met typisch Britse eigenschappen. Clive en Vernon zijn vrienden die een hekel hebben aan Garmony. Zij treffen elkaar in het begin van het verhaal op de begrafenis van vriendin Molly Lane. Molly heeft in het verleden met alle drie een verhouding gehad.

Het is een verhaal over falen, schuld en boete, euthanasie, vriend- en vijandschap. In de goede handen van McEwan leest dat heerlijk weg. Hoewel met een Booker Prize bekroond (1998) is het zeker niet het beste boek van McEwan. Maar verveeld heb ik me niet. Daarvoor is McEwan een te groot vakman.

Een fragment:

Om hem de pas af te snijden hield Clive zijn hand op voor nog een foto. Op deze, een opname van hoofd en schouders, was de jurk van Garmony meer zijig vrouwelijk. De pofmouwtjes en halslijn waaren eenvoudig afgezet met kant. Misschien had hij wel lingerie aan. Het effect was minder geslaagd, want het leidde tot volledige ontmaskering van de verholen mannelijkheid en toonde de aandoenlijke, onmogelijke hoop van zijn verwarde identiteit. Molly’s kunstige belichting kon niet de kaakbeenderen van een reusachtig hoofd laten verdwijnen, of de zwelling van een adamsappel. Hoe hij eruitzag en hoe hij eruit dacht te zien, lagen waarschijnlijk ver uiteen. Ze hadden lachwekkend moeten zijn, die foto’s, ze wáren ook lachwekkend, maar Clive was ook onder de indruk. We weten zo weinig van elkaar. We liggen grotendeels ondergedompeld, als drijfijs, en alleen ons zichtbare sociale ik steekt koel en wit naar boven. Hier was een zeldzame blik onder de golven, op iemands persoonlijke leven en gewoel, op zijn waardigheid die ten onder ging door de overweldigende noodzaak van de zuivere verbeelding, de zuivere gedachte, door het onherleidbare menselijke element – de geest.

Uit: Amsterdam, Harmonie Amsterdam, 1998

ian-mcewan-tellerreport.debron foto: tellerreport.com

Ian McEwan (1948, Aldershot, UK)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s