Erwin Mortier’s Marcel: ‘beeltenissen waarin vroeger en heden verdwaalden’

mortier, erwin; demorgen.bebron foto: demorgen.be

De Vlaamse schrijver Erwin Mortier schreef Marcel en het was zijn literaire debuut (1999). In dit dunne boek kruip je in het hoofd van het hoofdpersonage, een onschuldig kind, dat wordt opgevoed door zijn grootouders. Marcel, waarna de titel verwijst, is het foute familielid. Voorstander van een nationalistisch Vlaanderen en gecharmeerd van het (Duitse) nationaal-socialisme. Reden om zich als vrijwilliger aan te melden voor het Duitse leger. Marcel sneuvelt (in Rusland) en zijn herinnering is een schandvlek voor de familie.

In bedekte termen en bewoordingen krijgen we een blik op Marcel; zijn invloed op de rest van de familie en hoe dit foute familielid regelmatig de gemoederen bezighoudt.

Wat erg fraai aan dit boek is, zijn de trefzekere beelden in combinatie met de zintuiglijke sensaties. Een typische ‘show, don’t tell’-story. Flarden met informatie, verwijzingen, suggesties, alles om de sfeer aan te geven die zo bepalend zal zijn voor de ontwikkeling van het onschuldige kind dat we volgen. In een geheel eigen stijl. Een voorbeeld:

Als alle beeltenissen waren afgestoft, sloot de grootmoeder de glazen vleugels van haar kast. Alles was weer opgerakeld, geordend en aangeharkt. Bewijs op bewijs had ze gestapeld, voor en tegen de dood, haar tegenstrever en trouwste bondgenoot. Hij nam haar verwanten van haar af, maar liet hen ook stollen tot blikken en poses die zich nooit meer tegen haar stoflap verzetten.

In de weerspiegeling van het glas zag ik mezelf, minder tastbaar dan alles wat aflijvig was. Zeker wanneer, om de zoveel maanden, Stella en de grootmoeder, week van de weemoed, uit kasten en laden nog meer foto’s tevoorschijn haalden. Binnen de korste keren ging de tafel schuil onder een bladertapijt van beeltenissen, waarin vroeger en heden verdwaalden. Nu eens baarde de groengeverfde voordeur lijkkisten, dan weer kinderen op klompen of met strikjes in het haar. Hier oogste iemand de eerste asperges. Ginder dempte een schim de loopgraven tussen de stukgeschoten appelaars.

Het huis maakte zich los van de wereld en spreidde zich over al die albums uit. Moeiteloos kon ik van foto naar foto weer op de donkere deuropening toestappen. Voorbij het bloedrode tuinhek. Over het pad van aangestampte aarde in het gras. Door de boomgaard, waar appels als granaten uit de takken vielen of de lente haar valscherm van bloemen drapeerde.

Uit: Marcel, Meulenhoff Amsterdam, 1999

Erwin Mortier (1965, Nevele, België)

Voor wie van mooischrijverij houdt en daarnaast gevoelig is voor dit kleine huiselijke drama met grote gevolgen, kan ik dit boek aanraden.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s