De kat krijgt lof van de literatuur

kat; zooplus.

Kat geeft pootje; bron foto: zooplus.nl

Behalve lofliederen op Hemzelf moet God vanaf de aarde heel wat complimenten ontvangen voor het scheppen van het ‘minziek wonderdier’ (Rudy Kousbroek). J.B. Charles deed er een verzoek bij: ‘hebt u nog een werktekening, God, van mijn kat?’ Boekenballen vol schrijvers hebben hun katten bezongen, van Rascha Peper tot Marnix Gijsen, van Kees van Kooten tot P.C. Hooft. Als dank voor deze public relations treden veel poezen ook als muze op. Om schrijver te worden doe je er goed aan om een poes aan te schaffen. Die van W.F. Hermans liet het niet bij inspireren:

Hij ging voor de schrijfmachine zitten en legde een poot op een toets. Daardoor kwam een hamertje omhoog, wat hij fijn vond. Dan probeerde hij het hamertje te pakken, en, te dien einde, liet hij de toets los. Mis.

Hoe diep hij ook nadacht, het verband tussen het loslaten van de toets en de verdwijning van het hamertje heeft hij nooit kunnen doorgronden. Ik was dol op dit dier en had veel medelijden met hem.

Omdat een poes niet kan tikken, mogen de mensen dat doen, maar het eigenlijke schrijven komt natuurlijk voor zijn rekening. Pas bij zijn dood neemt zijn mens het werk weer over. Daar sta je dan weer als schrijver met een dood, maar nog warm lijfje in je handen, smekend om genade, vloekend op God (‘De Here heeft gegeven, de Here heeft genomen, de Here kan de pest krijgen’), klaar om je wanhoop op het papier uit te storten.

Uit: Piep, een kleine biologie der letteren – Midas Dekkers, Boekenweekgeschenk 2009, CPNB

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s