Jaap Harten: een hand over het graf

Een hand over het graf

Toch doet het me wat, wanneer ik ze weer lees: / die eenzame gedichten van Hans Lodeizen.

Zijn schemering vol onopzettelijk plezier / geleend aan matrozen en jongens met crew cut.

Hij voetbalde met de filosofische loep / die soms een oudemannenknevel liet zien.

Maar in de nachten dat hij zijn biceps / zag verdorren, kon hij een wanhopig mooi

deuntje fluiten om de barbier van het verdriet / zijn veren van moeheid aan te bieden.

De mensen uit Wassenaar of Amherst hadden hier / niets mee te maken. ‘Ik wou dat ze allemaal

naar de hel gingen met hun kletspraatjes.’ / Nu: 15 jaar dood. Een dichter als Bloem

zou vragen: wat bleef? Een opstel over / mieren, foto’s, een grafsteen in Lausanne.

En: het royale gebaar waarmee hij zijn / liefdesgedichten woord voor woord

hun gevangenispyama uittrok.

Uit: Plaatselijke tijd, Singel Amsterdam, 1980

harten, jaap; nrc.nlbron foto: nrc.nl

Jaap Harten (1930-2017, Blaricum)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s