Duo dicht de dag

eend

disneyland parijs bestaat vijf jaar / er valt confetti uit de wolken

we zitten aan de lunch / in het new york hotel / sebastiaan en ik lopen naar het buffet / ik til de deksel op / van een enorme vleesschotel / – pap – vraagt sebas – is dat kip? / van de damp beslaat mijn bril / – that’s duck, sir – schiet een ober ons te hulp / het tafelzilver hangt plotseling / op eigen kracht in de lucht / – you mean donald? – vraag ik / wijzend op de eendenborstjes / stilte daalt over de tafels / dan stijgt homerisch gelach op

sebastiaan kijkt niet blij

Uit: Greatest Hits Volume 1, Nijgh & Van Ditmar Amsterdam, 2004

chabot, bart; flickr.combron beeld: flickr.com

Bart Chabot (1954, Den Haag)

Water

Water ben ik. Ik stroom. / Stroom doorvaart me.

Waar ik mij bevind word ik / naar sluizen toegezogen

dan zweef ik even / dan val ik ongevaarlijk

dan lispel ik verder – / even leeg.

Ik wil lichamen in me. In een beker wil ik.

Uit: Ons poëtsich dichtersland, V&D ter gelegenheid van Boekenweek 1988; redactie: Ernst van Altena en Jan Veldhuizen

Huub_Oosterhuis; wikipedia.orgbron beeld: wikipedia.org

Huub Oosterhuis (1933, Amsterdam)

 

Nomaden: je kind opvoeden

kalahari-sanbron beeld: africageographic.com

Een tijdelijk onderkomen, nauwelijks bezittingen en vaak in gezelschap van de huisdieren. En voortdurend onderweg. Dat is de nomade; dat zijn de nomaden. Op tal van plekken op onze aardbol komen ze nog voor. Maar steeds minder en steeds moeizamer is het gehoor te geven aan die rusteloosheid. In Voetstappen in de wind laten Anthony Swift en An Perry nomadenvolken aan het woord.

Nomaden reizen veeleer in hun territorium dan er doorheen. Hun medium is de ruimte en niet de tijd.

In het zuiden van Afrika worden baby’s van de Kalahari-San eerst duizenden kilometers gedragen, gewoonlijk in een draagdoek op de heup van hun moeder, voor zij zelf hun eerste pasjes zetten. Baby’s en peuters worden zo, tot ze drie jaar oud zijn, door hun moeder meegenomen terwijl zij naar voedsel zoekt. Op de momenten dat het kind de wereld scherp observeert, is zij in volle actie en kan toch alle geluiden, beelden en geuren in zich opnemen. Terwijl de groep verder trekt, benoemen de moeder en de anderen alles wat ze zien, horen en ruiken. Zo kan het kind tegelijk genieten van de warmte en het ritme van het lichaam van de moeder, het gezelschap van de andere leden van de groep en het zich ontvouwende landschap.

Uit: Voetstappen in de wind, Swift en Perry, Schuyt & Co Haarlem, 2001

kalahari-san2bron beeld: artofsafari.travel

Thomas is de ideale, ja, wat eigenlijk

uphoff, manon; parool.nlbron beeld: parool.nl

In het korte verhaal Thomas introduceert schrijfster Manon Uphoff Thomas: een eigenaardig, zeldzaam aantrekkelijk kind. Het is oorlogstijd of kort daarna.

Zoons en dochters hadden in het buitenland een veilig heenkomen gezocht, mannen die terugkeerden waren in veel gevallen invalide en verbitterd. En plotseling zagen ze hem (Thomas). Alsof er een kistje met een kostbaar, zeldzaam plantje was opengemaakt. In hun ogen werd hij de parel van het vervallen complex. Ze begonnen hem tegen te houden in de hal. Praatten tegen hem in het trappenhuis. Raakten hem aan, voorzichtig, moederlijk, beschermend. Streken over zijn haar, veegden een lok uit zijn ogen, hielden hem (vaak langer dan nodig) vast bij zijn smalle pols, trokken hem soms glimlachend wat dichter naar zich toe (de geur van brood, parfum, kruiden van de markt). Ze wilden hem eten geven, zochten in de stapels achtergebleven kleren van hun mannen en zoons naar hemden en truien en broeken die hem pasten.

Algauw bracht hij het grootste deel van zijn naschoolse tijd door met het binnengaan van het ene appartement na het andere, waar de vrouwen zich over hem heen bogen, kussens schudden, hem naast zich zetten, hem fotoalbums lieten zien, hem het huis rondleidden, hem bewonderden, naar zijn intiemste gedachten vroegen, hem op hun bank lieten zitten, liggen mocht ook, sokken uit. Ze begonnen hem hun verhalen te vertellen. (een van hen, je kon zien dat ze erg mooi was geweest, deed hem op een dag half huilend verslag van het verlies van haar schoonheid. Dat was de afgelopen vijf jaar gebeurd. Haar huid was grauw geworden, ze was drie kiezen kwijtgeraakt, haar borsten hadden hun volume verloren. Het begon al te schemeren toen ze zich na het derde glas drank, verbitterd, half opgewonden voor hem uitkleedde, met trillende vingers haar beha losmaakte en hem vroeg eens te kijken. Haar zucht toen zijn koude handen de warme huid van haar borsten raakten kwam van diep: ‘o jongen, o jongen.’)

fragment uit: Thomas; uit: Bekentenissen, Aristos Rotterdam, 2006

Manon Uphoff (1962, Utrecht)

Het Parijs van Gisèle Freund

freund gisele; parijsfreund gisele; parijs2freund gisele; parijs3

Gisèle Freund (1908-2000, Berlijn) geboren in Duitsland, vluchtte in 1933 naar Frankrijk om te ontkomen aan de Nazi’s. Ze was joods, socialiste en lesbisch en vreesde voor haar leven nadat een van haar vrienden was gearresteerd en vermoord. Freund hield van fotografie en maakte veel en vaak foto’s. Ze vestigde zich in Parijs, werd fotojournalist en werd geroemd om haar portretten.

In 1936 rondde ze haar opleidingen (sociologie en kunsten) af aan de Sorbonne. In 1947 sloot ze zich aan bij Magnum Photos, het internationale fotografencollectief. Met haar aansprekende portretten van avantgarde-kunstenaars als Simone de Beauvoir, Frida Kahlo, en André Malraux, vestigde ze haar naam in het toenmalige Frankrijk. Dat leidde tot opdrachten van onder andere Francois Mitterand. Het leverde haar ook de titel Chevalier de la Légion d’honneur op, Frankrijks hoogste onderscheiding.

bron: blogs.getty.edu

freund gisele; parijs4freund gisele; parijs5freund gisele; parijs6

Bijna iedere dag muziek: Sax en Milhaud

https://youtu.be/Hw2ykkbpIGk

De begaafde Belg Adolphe Sax (1814-1894) beoogde hogere doelen met zijn uitvinding, de saxofoon. Hij bedacht een instrument dat het gat moest dichten tussen strijkers en blaasinstrumenten. Zijn idee – het plaatsen van een mondstuk van een klarinet op een gebogen trompet met een brede toeter – oogstte zoveel succes dat hij op het hoogtepunt van zijn roem een paar honderd man aan het werk had in zijn Parijse werkplaats. Hij schopte het zelfs tot saxofoonprofessor aan het conservatorium. Jaloerse collega’s richtten hem ten gronde uit angst dat hun traditionele instrumenten geen aftrek meer zouden vinden. Processen over patenten, bedreigingen en faillissementen maakten dat Sax stierf als een berooid man.

Aan erkenning overigens geen gebrek. Berlioz, Wagner, Bizet, Debussy, Massenet en Bartók maakten dankbaar gebruik van het leijke eendje in de sectie blaasinstrumenten. Maar het was Darius Milhaud (1892-1974, Fr) die na een verblijf in New York de saxofoon in het klassieke repertoire liet horen als de echo van een andere, intrigerende cultuur. De inspiratie had de excentrieke Fransman opgedaan in nachtclubs waar zwarte bandjes de swingende muziek speelden die jazz werd genoemd. Hij verwerkte zijn indrukken in muziek voor het ballet La création du monde, een stuk dat je honderd keer achter elkaar kunt horen zonder dat het verveelt. In het begin lijkt het alsof je luistert naar de openingsmaten van Bachs Johannes Passion, bewerkt door een dronken Stravinsky die de uitvoering aan een ensemble onder leiding van Dave Brubeck en diens saxofonist Paul Desmond heeft opgedragen. Het ontroerende thema komt steeds terug, maar intussen buitelen rumba’s, fuga’s en jazzy uithalen in verschillende maatsoorten over elkaar heen. Wanneer je buiten adem raakt van zoveel gebeurtenissen in één kwartier muziek begint de tintelende finale die pas wegsterft wanneer de natuur na haar geboorte rust heeft gevonden. Het is de schepping van de wereld gehoord vanuit Afrikaans-Amerikaans perspectief. Met dit stuk dwong de saxofoon het concertpubliek erkenning af als solo-instrument een jaar voordat hij met de muziek van George Gershwin een triomftocht zou beginnen.

fragment uit: De uitvinder van de saxofoon; uit: In hoger sferen, Paul Witteman, Balans Amsterdam, 2005

Uphoff in ‘Genet’: ‘massief, massief’

Het meisje dat even later gehaast aankwam, de kou van buiten als een bontsjaal om zich heen, met fijne druppeltjes mist die aan haar voorhoofd en wangen kleefden, was stevig. Maar pas nadat ze zich had verontschuldigd omdat ze laat was en zich achter het zwarte wollen gordijn had uitgekleed en in de hoge ruimte in het onbarmhartige tl-licht ging staan, zagen ze duidelijk hoe stevig. Haar schouders waren glad als stolpen en glansden zacht. Op de plek waar je bij magerder modellen vaak een kuiltje ziet waar de sleutelbeenderen zich scheiden, was bij haar een verdikking aanwezig. Alsof zich onderhuids een vlezig medaillonnetje bevond. Adertjes trokken riviertjes over haar peervormige borsten. Uit enorme tepelhoven staken tepels als konijnenneusjes. Traag en grootmoedig bolde haar buik. Haar navel ging schuil in een huidplooi. Vandaar liep een vriendelijk bruin lijntje naar beneden waar brede dijen haar schaamhaar, dat in een bescheiden streepje was geknipt, aan het oog onttrokken. Maar haar enkels waren smal. Alsof de handen die haar uit klei hadden gemodelleerd daar door hun materiaal heen waren geweest. Ook haar polsen en handen met mollige kussentjes waren fijn. Zacht en wit als krijt.

fragment uit: Genet; uit: Bekentenissen, Manon Uphoff; Aristos Rotterdam, 2006

uphoff, manon; nrc.nlbron beeld: nrc.nl

Manon Uphoff (1962, Utrecht)

Romaanse kunst: als inhoud en vorm samenvallen

kapel en kerk, romaans6kapel en kerk, romaans3kapel en kerk, romaans4

Het romaans met zijn halfronde bogen en zware muren mag de eerste kunst op Europese schaal genoemd worden, misschien nog niet eens zozeer door een eenheid in bouwstijl, als wel omdat die plotselinge boom in de kerkbouw een in religieus opzicht verenigd Europa betekende, waar kruistochten en massale bedevaarten konden ontstaan en waar een relatief grote bevolkinsgroep een eigentijds Esperanto sprak: Latijn.

(..)

Bij de bezoekers van vandaag overheerst bewondering voor een zuiver bouwkundige prestatie uit de tijd van schietlood, beitel en vooral mankracht. Maar wij ons niet realiseren, is dat de architect iets tot zijn beschikking had dat wij nu zo goed als zijn kwijtgeraakt: het idee dat die kerk moest verbeelden, Gods plan.

(..)

Als de middeleeuwers hun gebouw al zo in woorden konden ontleden, dan nog konden ze die onderdelen niet los zien van hun functie in het geheel; alles in de kerk, van crypte tot klokketoren verbeeldt iets. Een episode uit de bijbel, de vier elementen, het leven, de dood en de opstanding. Een kerk is een stenen encyclopedie van het christendom, een kerk is het christendom. Een kerkgebouw is niet alleen buitengewoon geschikt voor een kerkdienst, de kerk is de kerkdienst zelf. Inhoud en vorm van het geloof vallen erin samen.

(..)

Het is een huis. De muren dragen het dak en laten je niet uit het gebouw ontsnappen. Ze keren zich naar binnen. Men wordt omgeven door een ruimte. Precies dat is ook het gebed: een geslaagde concentratie. God is niet buiten, il est lá.

fragmenten uit: Een stenen tijdperk; uit: Landschap achter het oog – Hans Steketee, Veen uitgevers Utrecht, 1988

kapel en kerk, romaans5kapel en kerk, romaans2kapel en kerk, romaans

De straten van Trent Parke

trent-parke; zwit2trent-parke; zwit7trent-parke; zwit4trent-parke; zwit5Trent Parke (1971, Australië) groeide op in New South Wales. Op 12-jarige leeftijd nam hij foto’s met zijn moeders Pentax-camera en gebruikte de linnenkamer van ma als donkere kamer. Inmiddels is Parke een beroemdheid en werkzaam bij Magnum. Zijn favoriete bezigheid is de straatfotografie.

Parke trekt er graag op uit, zoals in 2003. Hij reed 90.000 km dwars door Australië, ondertussen fotograferend. Wat volgde was een ontluisterend portret van dit continent ‘down under’ en zijn bewoners.

Parke’s stijl is duidelijk herkenbaar. Zijn zwart-wit beelden zijn zwaar aangezet. De fotograaf schrijft met licht en zet lichte en donkere partijen duidelijk tegenover elkaar. Hij wisselt scherpte af met bewust gekozen onscherpte. Zijn beelden zijn verhalend, poëtisch, soms humoristisch maar altijd zwanger van sfeer. Technisch zijn het hoogstandjes zonder dat die techniek het beeldende en verhalende in de weg zit.

trent-parke; zwittrent-parke; zwit6trent-parke; zwit8trent-parke; zwit3