Thomas is de ideale, ja, wat eigenlijk

uphoff, manon; parool.nlbron beeld: parool.nl

In het korte verhaal Thomas introduceert schrijfster Manon Uphoff Thomas: een eigenaardig, zeldzaam aantrekkelijk kind. Het is oorlogstijd of kort daarna.

Zoons en dochters hadden in het buitenland een veilig heenkomen gezocht, mannen die terugkeerden waren in veel gevallen invalide en verbitterd. En plotseling zagen ze hem (Thomas). Alsof er een kistje met een kostbaar, zeldzaam plantje was opengemaakt. In hun ogen werd hij de parel van het vervallen complex. Ze begonnen hem tegen te houden in de hal. Praatten tegen hem in het trappenhuis. Raakten hem aan, voorzichtig, moederlijk, beschermend. Streken over zijn haar, veegden een lok uit zijn ogen, hielden hem (vaak langer dan nodig) vast bij zijn smalle pols, trokken hem soms glimlachend wat dichter naar zich toe (de geur van brood, parfum, kruiden van de markt). Ze wilden hem eten geven, zochten in de stapels achtergebleven kleren van hun mannen en zoons naar hemden en truien en broeken die hem pasten.

Algauw bracht hij het grootste deel van zijn naschoolse tijd door met het binnengaan van het ene appartement na het andere, waar de vrouwen zich over hem heen bogen, kussens schudden, hem naast zich zetten, hem fotoalbums lieten zien, hem het huis rondleidden, hem bewonderden, naar zijn intiemste gedachten vroegen, hem op hun bank lieten zitten, liggen mocht ook, sokken uit. Ze begonnen hem hun verhalen te vertellen. (een van hen, je kon zien dat ze erg mooi was geweest, deed hem op een dag half huilend verslag van het verlies van haar schoonheid. Dat was de afgelopen vijf jaar gebeurd. Haar huid was grauw geworden, ze was drie kiezen kwijtgeraakt, haar borsten hadden hun volume verloren. Het begon al te schemeren toen ze zich na het derde glas drank, verbitterd, half opgewonden voor hem uitkleedde, met trillende vingers haar beha losmaakte en hem vroeg eens te kijken. Haar zucht toen zijn koude handen de warme huid van haar borsten raakten kwam van diep: ‘o jongen, o jongen.’)

fragment uit: Thomas; uit: Bekentenissen, Aristos Rotterdam, 2006

Manon Uphoff (1962, Utrecht)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s