Tsjechow ontneemt de letterkundeleraar de illusie

tjsechov; blogspot.combron beeld: blogspot.com

Wat maakt de mens de mens? Wat bepaalt geluk? Hoe ziet het ideale huwelijk eruit? Schrijver Anton Tsjechow (1860-1904) hield zich in zijn korte verhalen graag bezig met de psyche van de mens. Dat was ook in de mode, toen. In de bundel Huwelijksverhalen gaat het over het huwelijk en hoe betrokkenen daartoe geraken en hoe het hen vergaat.

In De letterkundeleraar volgen we de jonge leraar Nikitin, die met al zijn ambities voor de klas staat op het Russische platteland. Naast plezier in zijn werk, moet er op het privévlak nog wat puntjes op de i gezet worden. Zijn oog is gevallen op Manjoesja. En het lukt haar te schaken. Goede baan, plezier in het werk, de liefde van je leven trouwen: niets staat geluk in de weg. Maar de twijfel slaat toe. Nikitin trekt zich even terug in zijn studeerkamer:

Wat een onzin! probeerde hij zichzelf te kalmeren. Je bent pedagoog, verricht je werk op het nobelste terrein dat zich denken laat… Wat moet je dan nog met een andere wereld? Wat een geklets!

Maar al op hetzelfde ogenblik zei een stem in hem met volle overtuiging dat hij helemaal geen pedagoog was, maar een ambtenaar, precies zo’n onbegaafde, karakterloze figuur als die Tsjech, die Grieks doceerde; hij had nooit enige roeping voor het leraarsvak gevoeld, van opvoedkunde had hij geen verstand en hij had er zich nooit voor geïnteresseerd, met kinderen omgaan kon hij niet; de werkelijke betekenis van wat hij doceerde ontging hem en het kon best zijn dat hij zijn kinderen dingen leerde, waar zij niets aan hadden. Wijlen Ippolit Ippolitytsj was openlijk een botterik geweest en alle collega’s en leerlingen hadden geweten, wat voor vlees ze met hem in de kuip hadden en wat je van hem verwachten kon; hij, Nikitin daarentegen had net als de Tsjech zijn geborneerdheid weten weg te moffelen, hij had alle mensen handig zand in de ogen weten te strooien door net te doen, of bij hem goddank alles op rolletjes ging. Deze nieuwe gedachten joegen Nikitin zo’n schrik aan dat hij ze van zich afweerde, ze dwaasheden noemde en meende dat het allemaal van de zenuwen kwam en dat hij zichzelf er later om zou uitlachen.

En inderdaad, tegen de ochtend lachte hij al om zijn opgewondenheid en schold zichzelf uit voor een oud wijf, maar hij was er wel diep van doordrongen dat het vermoedelijk voorgoed afgelopen was met zijn rust en dat er voor hem in dat ongepleisterde huis met zijn twee verdiepingen al geen sprake meer van geluk kon zijn. Hij besefte dat zijn illusie in rook was opgegaan en dat er voor hem nu een nieuw, gejaagd, bewust leven was begonnen, dat onverenigbaar was met rust en persoonlijk geluk.

uit: de letterkundeleraar; uit: Huwelijksverhalen, Maarten Muntinga Amstredam, 1996; vertaling Charles B. Timmer

Anton Tsjechow (1860-1904, Taranrog, Rus)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s