Kapuscinski en de wetten van de uitsluiting

Vasiljevna StarovojtovaVasiljevna Starovojtova; bron foto: ulitza.com

Ryszard Kapuscinski (1932-2007, Pinsk, Wit-Rusland) bezocht als journalist meermalen Rusland. Niet alleen Rusland, zoals we dat anno nu kennen, maar ook de voormalige Sovjet Unie. Zijn journalistieke nieuwsgierigheid bracht hem soms in gevaarlijke situaties. Zoals in de zomer van 1990 toen hij Nagorny Karabach bezocht. Deze enclave werd betwist door Armenië, Azerbeidjzan en Rusland. In die dagen was de sfeer in de hoofdstad Stepanakert gespannen. Juist deze stad bezocht Kapuscinski als begeleider van Vasiljevna Starovojtova, professor aan de Universiteit van Petersburg en afgevaardigde van Armenië voor de Opperste Sovjet (het parlement van de Sovjet Unie). Vasiljevna Starovojtova zou in 1998 worden vermoord in haar Moskouse flat. Ze zette zich in voor liberalisering, hervorming en tolerantie en dingde mee naar het presidentschap als lid van de partij Democratisch Rusland.

Het leek erop dat Starovojtova en Kapuscinski in de val werden gelokt. Door doortatsend optreden van mensen rondom de vertegenwoordiger en hulp van lokale mensen, konden beiden ontsnappen aan een ongewis avontuur. Ondertussen kreeg de journalist wel een duidelijk beeld van de spanningen in Nagorny Karabach dankzij gesprekken met inwoners van Stepanakert en de indrukken die hij er op deed. Dat leidde tot de volgende gevolgtrekking die op elke andere situatie op onze aardkloot van toepassing is:

Drie plagen, drie epidemieën bedreigen de wereld. De eerste plaag is het nationalisme. De tweede is de plaag van het racisme. De derde is de plaag van het religieuze fundamentalisme. Die drie plagen hebben één kenmerk, één gemeenschappelijke noemer: een aggresieve, almachtige, totale irrationaliteit. Je kunt nooit doordringen tot iemand wiens geest door een van deze ziekten is getroffen. In zo’n hoofd brandt een heilig vuur dat alleen maar op brandoffers wacht. Elke poging tot een rustig gesprek zal zijn doel missen, want hij wil geen gesprek, hem gaat het om steunbetuiging. Hij wil dat je ja en amen zegt, hem gelijk geeft, je bij hem aansluit. In zijn ogen beteken je anders niets, besta je niet, omdat je alleen meetelt als werktuig, als instrument, als wapen. Hier zijn geen mensen, hier is alleen de Zaak.

Een door zo’n plaag getroffen geest is een gesloten geest, met één dimensie, één thema, die zich uitsluitend rond één punt beweegt: de vijand. De gedachte aan de vijand voedt ons, dank zij hem bestaan we. Daarom is de vijand altijd aanwezig, altijd met ons.

(..)

Ze  hebben geen last van het idee dat de wereld ingewikkeld is, of dat het lot van de mens onzeker en broos is. Ze kennen niet de onzekerheid die het stellen van vragen als ‘wat is waarheid? wat is goed? wat is rechtvaardig?’ meestal vergezelt. De gespletenheid die mensen kwelt die gewend zijn zich af te vragen: ‘Heb ik werkelijk gelijk?’ – is hun vreemd.

Hun wereld is klein: een paar dalen en bergen. Hun wereld is eenvoudig: aan de ene kant staan wij, de goeden, aan de andere zij, onze vijanden. Hun wereld wordt geregeerd door de ondubbelzinnige wet van de uitsluiting: óf zij, óf wij.

Uit: In de val; uit: Imperium, ondergang van een wereldrijk, Arbeiderspers Amsterdam, 1993; vertaling Gerard Rasch

Ryszard Kapuscinski (1932-2007, Pinsk, Wit-Rusland)

Buddingh’: lente en ouderdom

Lente en ouderdom

’t Is pas half januari – en toch is het net / of sommige struiken al uit gaan botten.

Hoe ouder je wordt, hoe vroeger / je meent de lente te zien komen.

Uit: Gedichten 1974-1985, Bezige Bij Amsterdam, 1986

buddingh cees,

bron illustratie: antiqbook.com

Cees Buddingh’ (1918-1985, Dordrecht)

Bijna iedere dag muziek: Kubrick en Von Beethoven

‘Bij Beethoven wisselen grandeur en muzikale grappen elkaar snel af, liggen humor en pathos dicht bij elkaar.’

‘Die ongelofelijke Diabelli-variaties van Beethoven – het hele spectrum van gedachten en gevoelens, maar alle in relatie tot een belachelijk klein walsdeuntje.’

Aldus  schrijver Aldous Huxely over de muziek van Ludwig von Beethoven. Huxley probeerde de muzikaliteit van Beethoven in zijn schrijven te gebruiken. Het meest duidelijke voorbeeld is de roman Point Counter Point uit 1928.

Ook filmer Stanley Kubrick vond Beethoven goed bij zijn werk passen. Met enige regelmaat keren composities terug in zijn films. Bekendste voorbeelden: a Clockwork Orange en Barry Lyndon. Bij Kubrick ondersteunt Beethovens muziek ons gevoel als kijker bij wat we te zien krijgen. Het versterkt de emotie, niet alleen bij ons, maar ook bij de acteur. Duidelijkst is het voorbeeld (wat Beethoven betreft) in a Clockwork Orange. Hieronder een compilatie van Kubrick filmfragmenten met daaronder de 7-de symfonie van Beethoven. Kijk, luister en voel wat ik bedoel.

Vervolgens het menuet uit de Diabelli-variaties van Beethoven. Deze piano-werken componeerde Beethoven als antwoord op de vraag van de Oostenrijkse componist Anton Diabelli om variaties te maken op de wals die hij componeerde. Beethoven voldeed aan deze opdracht en deed dat in 2 delen. Deze variaties lieten zien waartoe Beethoven in staat was: breedte en diepte. Vaak worden de Diabelli-variaties vergeleken met de Goldberg-variaties van Bach.

Vladislav Chodasevitsj: vreugde en last

Het is een vreugde en een last

Het is een vreugde en een last / Een afgetakeld lijf te dragen. / Wat vroeger wild en bloeiend was / Is nu vermoeid en aangeslagen.

Het bloed gaat in een trage stroom / De moegeworden schouders zakken. / Zo neigt een volle appelboom / Onder gewicht van eigen takken.

Gij jongelieden hebt geen weet / Van tederheid en smart die maken / Dat bomen met hun bladerkleed / Eens nog de aarde willen raken.

Uit: De meisjes van Zanzibar, Plantage Leiden, 2000

chodasevitsj-berberova, indipendezia

Chodasevitsj, links op de foto, met zijn geliefde Nina Berberova; bron foto: indipendenza.nl

Vladislav Chodasevitsj (1886-1939, Moskou, Rusland)

Grunberg en de troostrijke humor van Buster Keaton

Bent u op zoek naar troost? Er bestaat geen zoetere troost dan die van de slapstick’ aldus Arnon Grunberg in 1 van zijn essays. In dat essay gaat het over Charlie Chaplin (‘genoodzaakt om geld te vinden of een vrouw’), Groucho Marx (‘lijkt op God’), maar vooral over Buster Keaton (‘ziekelijk verlegen, veel goede bedoelingen, beleefd en voorkomend’).

In bijna al zijn films speelt Buster Keaton iemand die gedwongen wordt zijn passiviteit op te geven en het geluk te slaan waar hij het maar kan raken.

(..)

Het verhaal en de karakters in de films zijn zo simpel mogelijk. Het eigenaardige is dat zijn films daardoor niet aan geloofwaardigheid inboeten, maar juist aannemelijker worden. (..) Slapstick en complexiteit verdragen elkaar slecht. Misschien is de werkelijkheid ook wel veel simpeler dan wij zouden willen. Het is alleen wat onaangenaam die onversierde werkelijkheid in het gezicht te zien.

(..)

Buster Keaton begreep het absurde net zo goed als Hamlet, maar hij maakt er komedie van.

In The Cameraman uit 1928 ontmoet fotograaf Keaton een meisje waar hij voor valt. De hele film gaat over de pogingen van Keaton om met dit meisje af te spreken. Als ze een date hebben gaan ze naar Coney Island, naar een zwembad. Het is er druk. Buster moet zijn kleedhokje delen met een dikke man. Wat volgt noemt Grunberg: ‘1 van de mooiste scenes die Keaton gedraaid heeft, en hoe dan ook, 1 van de mooiste scenes die ik ooit in de bioscoop heb gezien.’

Kafka heeft in Die Verwandlung beschreven wat voor nachtmerrie het kan zijn als je in een insect bent veranderd. Keaton is naar mijn idee subtieler. Hij laat namelijk niet iemand zien die in een insect veranderd is. Hij maakt duidelijk hoe het is wanneer iemand zich als een levensgroot insect voelt.

https://youtu.be/UWEjxkkB8Xs

Uit: Platgedrukt in een badhokje, NRC Handelsblad, 19 mei 1995

Buster Keaton (1895-1966, Piqua, USA)

Eybers: papier is geduldig

Papier is geduldig

Vir elke knelling van nou en hier / vind jy ’n noodluik van papier.

Geen bokkesprong of papier is bereid / tot lankmoedige medepligtigheid.

Wat nouliks bestaan word toevertrou / aan papier wat dit omhels en behou.

Die onverkenbare chaos vertoon / op papier ’n hartvormige patroon.

Uit: Noodluik, Querido Amsterdam, 1989

literatuurmuseum.nl, eybers elisabethbron illustratie: literatuurmuseum.nl

Elisabeth Eybers (1915-2007, Klerksdorp, Transvaal)

Franco Montana: leven rondom het zwembad

franco fontana, swimmingpool 2franco fontana, swimmingpool 4franco fontana, swimmingpool 6

Bij fotograaf Franco Montana (1933, Modena, Italië) gaat het om kleur, technisch vernuft en compositie. En, zoals het hoort bij fotografie: het juiste moment. De foto’s die hij maakte bij een zwembad zijn kenmerkend. Het gaat om het juiste licht/schaduw, de kleurenpracht en het juiste moment. Dat vereist wachten (geduld) en een feilloos gevoel voor het juiste moment. Dan moet de verdeling over het vlak nog goed zijn. De foto’s zijn verwant aan schilderijen. De kunstenaar bepaalt nadrukkelijk wat hij laat zien. En ook wat hij weglaat. Zoals in deze foto’s de (on)herkenbaarheid van de personen. In deze serie toont Fontana een werkelijkheid die wij als kijker herkennen en een realiteit waarbij we onze gedachten hebben. De foto’s krabben aan ons onderbewuste en daarmee lijken deze foto’s enigszins surrealistisch bedoeld.

franco fontana, swimmingpool 1franco fontana, swimmingpool 3franco fontana, swimmingpool 5

Kapuscinski en de mistige gangen van Jakoetsk

visityakutsk, winter

bron foto: vistiyakutia.com

‘Strenge vorst’, legt ze me uit, ‘herken je daaraan dat er een heldere, schijnende mist in de lucht hangt. Als je loopt, ontstaat er een gang in de mist. De gang heeft de vorm van de gedaante van degene die er loopt. Die persoon gaat verder, maar de gang blijft, hij staat onbeweeglijk in de mist.’ Een grote kerel maakr een grote gang, een klein kind een kleintje. Tanja maakt een smal gangetje, omdat ze tenger is, maar voor haar leeftijd is het een hoge gang, natuurlijk, want ze is de langste van de klas. Als ze ’s morgens vroeg van huis gaat, kan Tanja uit de gangen opmaken of haar klasgenootjes al naar school zijn: iedereen weet hoe de gangen van zijn naaste buren en vriendinnetjes eruit zien.

‘En als je een brede, lage gang met een duidelijke, vaste lijn ziet, betekent het dat Klavdia Matvejevna, de directrice, al naar school is.’

Als er ’s morgens geen gangen zijn die in hoogte aan de lengte van de leerlingen van de basisschool beantwoorden, betekent dit dat het zo hard vriest dat er geen lessen zijn en dat de kinderen thuisblijven.

‘Soms zie je een gang die heel onregelmatig is en dan opeens ophoudt. Dat betekent, ‘Tanja praat nu zachter, ‘dat er een of andere dronkelap heeft gelopen, hij is gestruikeld en gevallen. Als het hard vriest, vriezen veel dronkaards dood. Dan ziet zo’n gang eruit als een doodlopend straatje.’

Uit: Imperium, ondergang van een wereldrijk, Arbeiderspers Amsterdam, 1993; vertaling Gerard Rasch

dariovivo., Ryszard-Kapuscinskbron foto: dariovivo.com

Ryszard Kapuscinski (1932-2007, Pinsk, Wit-Rusland)

Kees Winkler: automobilisme

Automobilisme

Rijden door de nacht / bomen worden ritme / de ballade van de weg

Rijden door de nacht / dorpen verschieten / het is nu een ander

Rijden door de nacht / ik had een tegenligger / zij reed vroeger een Chrysler

Rijden door de nacht / huwelijksreis naar Mont Dore / wij aten bij Sarciron

Rijden door de nacht / ik lig op de boulevard / trouwen is waardeloos

Uit: Gedichten – Kees Winkler, Van Oorschot Amsterdam, 1972

spinroot.com, winkler kees

bron foto: spinroot.com

Kees Winkler (1927-2004, Hoorn)

Deelder: bij de dood van ome cor

Bij de dood van ome Cor

Ze zijn nu weer samen / de jongens van Deelder / Na Arie en Jaap / kwam Cor het laatst

Ze hebben op mekaar gewacht / Arie en Jaap en die samen / weer op Corrie / die de jongste was

Nu lopen ze rond door / het Hiernamaals / en drinken een borreltje / op onze gezondheid

Ze lachen en praten en / hebben geen pijn en ze / laten ons weten: Het is / niet erg om dood te zijn

Uit: Interbellum, Bezige Bij Amsterdam, 1987

nos.nl, deelder julesbron foto: nos.nl

J.A.Deelder (1944-2019, Rotterdam)