Albert Verwey: Cadiz

cadiz

Cadiz

Staat haar krijtwitte en sierlijke façade / Niet gastvrij op het water? zijn de kleuren / Die ’t wit en ‘ t groen van haar balkons verfleuren, / Is ’t pronktapijt dat afhangt van de estrade / Die om den raadhuistoren loopt – in fade / Goude-appelrand borduursel op azuren / Ruit, geel en bruin, Leeuw en Kasteel, de keur en / Roem van Spaanse standaarden, – een parade / Van stad in zon voor één, een féést-dag, gauw te / Gaan met dien dag? – Wie aan kwam zeilen over \ De blauwe zee en aanstonds  zal verlaten / Dit Cadiz, weet het niet, maar zal de flauwte / Van verre erinring vroolken met getover / Van zulk gevlag en vaandling op de straten.

Albert Verwey (1865 – 1937)

Uit: Oorspronkelijk dichtwerk, Querido Amsterdam, 1938