Bijna iedere dag muziek: Steve Reich

David Bowie, Brian Eno, Aphex Twin, The Orb, Coldcut, Mantronix en DJ Spooky hebben 1 belangstelling gemeen: modern klassieke componist Steve Reich (1936, New York, USA). De man die sampling, minimalisme, repetitieve beats en cut-up-technieken in zijn composities verwerkte. Daarmee een nieuwe weg insloeg die tot veel hoongelach leidde. Overigens zoals bij zijn grote voorbeeld en inspiratiebron: Stravinsky.

De ouders van Steve Reich zijn van grote invloed geweest op zijn werk. “De muzikale erfenis is van mijn moeders kant. Mijn vaders analystische brein was wezenlijk voor wie ik geworden ben,’ zei hij er zelf over. Na kennismaking met het werk van Stravinsky begon hij in 1965 met zijn eigen composities. Er volgden zo’n 40 grotere werken.

Reich’s werk past in de minimalistische traditie. Volgens eigen zeggen, leende Reich de herhaling van noten uit de jazz. Reich bezocht in de jaren 50 veelvuldig The Birdland Club in New York. Daar zag en hoorde hij John Coltrane, Miles Davis en Charlie Parker. ‘Coltrane was ons ver vooruit. Die speelde nummers van 30 minuten in één toonsoort. Dat was voor mij van extreme invloed,’ stelt Reich.

‘Mijn muziek zijn geen songs en het is ook geen echte vocale muziek,’ vat Reich het samen. Invloedrijk en innovatief is het werk van Reich zeker, ook voor huidige muzikanten die zich op het snijvlak van hiphop, dance en electronic bevinden. Zoals bijgaande voorbeelden duidelijk maken.

 

Bijna iedere dag muziek: Miles Davis

Aanleiding is het thema van de Boekenweek: Rebellen en Dwarsdenkers en een verhelderende docu op Netflix. Die docu gaat over Miles Davis (1926-1991, Alton, USA) en laat zien hoe Davis rebelleerde tegen verwachtingen die men van hem had. Dat begon al met de keuze van het instrument dat hij wilde spelen: trompet in plaats van viool, zoals zijn ouders wilden. Op 19-jarige leeftijd leidde hij al een band. Trad op met Dizzy Gillespie en Charlie “Bird” Parker, die bepalend zouden worden voor de jazz. Waarna uittochtjes naar Parijs volgde. In de Lichtstad maakte hij kennis met alles wat toen hip en cultureel bepalend was. Denk aan: Greco, Malle, Moreau en Satre. In Frankrijk leidde dat op enig moment tot de opname van Ascenseur pour l’Échafaud. De soundtrack van de gelijknamige film die Davis improviserend bij de beelden volspeelde. Davis was muzikaal gelijkwaardig aan hoofdrolspeelster Jeanne Moreau en haar lijden. De film werd dankzij de score een enorm succes. Terug in de USA begonnen de voorbereidingen voor wat een mijlpaal in de jazz zou worden: het opnemen van het album Kind of Blue.