Astrid Engels vindt (vooral) inspiratie in de klassieke oudheid

Astrid-Engels; zoekend2Astrid-Engels; zoekend4Astrid-Engels; zoekend6Astrid-Engels; zoekend8In de loop der jaren heeft Astrid Engels (1941, Coevorden) een indrukwekkend oeuvre bijeengeschilderd.

Keer op keer toont deze kunstenares groei en verandering in haar oeuvre. Ze laat zich niet leiden door diverse stromingen in de hedendaagse kunst maar blijft haar eigen kenmerkende stijl verder ontwikkelen en uitbouwen.

Haar inspiratie vindt ze in de aantrekkingskracht van heilige en gewijde plaatsen in de wereld. Religie, astronomische kennis, techniek en cultuur prikkelen haar verbeeldingskracht en inspireren haar. Goden en godinnen die aan de basis staan van mythen, legendes en rituelen vormen de thema’s in veel van haar schilderijen.

Ze reist regelmatig naar de restanten van oude beschavingen. Ze ontdekte hoe de godenverering het leven van gelovigen kan inkleuren. De cultuur in Indonesië schonk haar -door de diep religieuze beleving– een spiritueel werkkapitaal voor haar penseel en in het mysterieuze oude Egypte verankerde zich de betoverende schoonheid uit het verleden. Azteken en Maya’s en de maanverlichte tempels in Griekenland en Rome gaven haar een schat aan inspiratie. Al die indrukken en ervaringen wereldwijd opgedaan komen in haar schilderijen tot leven .

Astrid studeerde na haar middelbare schoolopleiding Italiaans. Als beeldend kunstenaar is zij autodidact.

In 1965 won Astrid Engels, in 5 televisie uitzendingen, als archeologe op eigen vakgebied een wetenschapsquiz over het Oude Egypte en in het bijzonder Farao Toetanchamon. Dat maakte haar toen een bekende Nederlander.

bron: astridengels.com

Astrid-Engels; zoekendAstrid-Engels; zoekend3Astrid-Engels; zoekend5Astrid-Engels; zoekend7

Franca Treur laat zien hoe ze kussen

franca treur; nrc.nlbron beeld: nrc.nl

Made, de buurman van Bali Paradise Resort, heeft de beste vechthanen van het eiland. De beesten weten dat hun leven ervan afhangt. Dat vertelt hij hun elke dag, als hij ze voert en aait. Ze hebben hetzelfde felle karakter als hun baas, in tegenstelling tot zijn zoon, die een beetje een watje is, en erg aan zijn verlegen moeder hangt. Daarom neemt Made zijn zoon altijd mee naar de gevechten.

Van hanengevechten alleen kan Made zijn familie niet voeden, dus vervoert hij ook mensen van het resort met de auto die hij op afbetaling heeft. Zijn vrouw maakt intussen de bedden op van de toeristen. Ze bekijkt de inhoud van hun prullebakken als ze die leegt. Soms vindt ze peperdure rekeningen van restaurants of dingen voor de liefde, en dat is meteen het bijzonderste wat zij meemaakt op een dag.

Made maakt meer mee, dankzij zijn achteruitkijkspiegel. Zijn vrouw mag dan soms dingen vinden in de prullebak, hij weet precies hoe blanke mensen kussen: kort en verveeld. Soms giechelig. Een enkele keer lang en plakkerig, met hun tongen in elkaars mond. Nooit alsof hun leven ervan afhangt.

Blanken schamen zich niet, ze doen het ook op straat als iedereen kijkt. In zijn volgende leven wil Made graag blank zijn. Om de wereld te laten zien wat kussen is.

uit: x&y, Franca Treur; Prometheus Amsterdam, 2016

Franca Treur (1979, Meliskerke)

Papyrus – de keuzedwang bepaalt de lijstjes

1001boeken; peter boxall

En toen was er het woord. En het woord bracht het boek. Niet één maar velen. En bij de lezer de behoefte om het overzicht te behouden. Daarvoor dient de catalogus: de atlas van boeken. Maar de hoeveelheid boeken blijft groeien. En de kennis die daarin ligt opgeslagen?

Niemand zou alles weten. Steeds meer zou de kennis van eenieder een piepkleine archipel worden in de onafzienbare oceaan van onwetendheid.

Toen ontstond de keuzedwang: wat te lezen, wat te doen voor het te laat is? Om die reden zijn we nu nog steeds geobsedeerd door lijstjes. Slechts een paar jaar geleden publiceerde Peter Boxall de zoveelste lijst met boeken – in dit geval bestaand uit 1001 titels, net zoveel als de nachten van Sheherazade – die je voor je dood gelezen moet hebben. Tegenwoordig wemelt het van de lijstjes van platen die het waard zijn om beluisterd te worden, met films die je niet mag missen en met plekken op de wereld waar je beslist naartoe moet. Internet is de grote lijst van onze tijd, gefragmenteerd en oneindig vertakt. Elk zelfhulpboek dat die naam waardig is en belooft je miljonair te maken, je succes te brengen of je te verlossen van overgewicht, is gebaseerd op het basale advies lijstjes te maken. Hou vast aan je opgeschreven voornemens en je leven zal verbeteren. Opsommingen hebben te maken met orde en angstreductie, dat wil zeggen: met ons defensieve systeem om oprukkende chaos te beteugelen. Ook hebben ze te maken met de vrees, de beklemming, het smartelijke besef dat onze dagen geteld zijn. Vandaar dat we proberen de dingen die ons boven het hoofd groeien terug te brengen tot tien, vijftig, honderd motto’s.

Umberto Ecobron beeld: luz.it

(..) In De betovering van lijsten beweert Umberto Eco dat lijsten in feite de oorsprong van de cultuur zijn, dat ze deel uitmaken van de kunst- en literatuurgeschiedenis. Hij voegt eraan toe dat we in encyclopedieën en woordenboeken bijzondere vormen van lijsten aantreffen. En allemaal maken ze het oneindige begrijpelijker.

uit: papyrus, een geschiedenis van de wereld in boeken – Irene Vallejo, Meulenhoff Amsterdam, 2021; vertaling Adri Boon

Aad Nuis zocht Nederland en vond…

aad nuis; olofspoort.nlAad Nuis tijdens een reünie; bron beeld: olofspoort.nl

Aad Nuis (1933-2007) was onder andere: publicist, dichter, essayist, (mild) literair criticus, maar ook politicoloog, D66-er, Tweede Kamerlid en staatssecretaris voor Cultuur. In de bundel Op zoek naar Nederland ging hij op zoek naar wat typisch Nederlands is, ter lering ende vermaak.

In het eerste hoofdstuk volgt de voorlopige conclusie:

Waarschijnlijk hebben veel nieuwkomers de typisch Nederlandse hebbelijkheden en vooral onhebbelijkheden al veel beter door dan wij, de oudgedienden. Het zijn de grote woorden en waarden niet waarin wij ons van de anderen onderscheiden, en de anderen van ons. Over de kern daarvan kunnen oude en nieuwe Nederlanders het waarschijnlijk wel min of meer eens worden, als ze elkaar en zichzelf de nodige ruimte gunnen. Het verradelijke misverstand schuilt eerder in kleine, schijnbaar oppervlakkige maar uiterst gevoelige en hardnekkige stijlverschillen. Het zit in manieren van praten, eten, kleden, grappen maken, in omgangsvormen, nauwelijks bewuste signalen van toenadering of distantie, van je plaats kennen en die van de ander respecteren. Het schuilt ook in de verborgen reservoirs van gemeenschappelijke herinneringen en daaraan verbonden emoties. Wie daar geen oog voor ontwikkelt, verzeilt maar al te gauw in afkeer en onbegrip. Daar liggen de gemene koraalriffen van het voortkabbelende sociale verkeer.

En dan volgt een waarschuwing voor de zoeker naar de Nederlandse identiteit:

Wie een portret wil maken van de Nederlanders, zoals die zich de laatste vijftig jaar ontwikkeld hebben, en wie daarbij de veranderlijke kleinigheden niet over het hoofd wil zien, kan beter niet als een ouderwetse fotograaf zelf onder een zwarte doek wegkruipen. Je kunt beter zorgen dat je ook op het plaatje staat, met je eigen geschiedenis, ervaringen en emoties. Niet helemaal vooraan zodat je het zicht belemmert, maar wel openlijk aanwezig. Van veel beweringen berust de met aplomb gepresenteerde objectiviteit op zelfbedrog: iedereen behalve de spreker ziet er de onbewuste en dus onbeheerste subjectiviteit doorheen schijnen. Maar ook wie zorgvuldig objectiveert en alles wat hij te berde brengt baseert op verantwoorde bronnen kan beslissende details en sporen missen.

uit: op zoek naar Nederland, Augustus Amsterdam, 2004

Aad Nuis (1933-2007, Sliedrecht)

Bijna iedere dag muziek: Willaert en Gombert

Even een moment van rust en zelfreflectie. In de muziek: terug naar dat enige instrument dat iedereen bezit en kan gebruiken: de stem. Eeuwen geleden werd dat op meesterlijke wijze ingezet: ter meerdere eer en glorie van Dieu himself. Als je solo zingt, klinkt dat best mooi. In combinatie met anderen zelfs weergaloos. Als je dan ook nog eens optimaal gebruik maakt van de soorten, hoogten en momenten klinkt het goddelijk. Zoals in bijgaande voorbeelden van de componisten Adriaan Willaert en Nicolas Gombert.

Schrijver Geert van Istendael zei er het volgende over:

Meer dan dertig jaar geleden zat ik voor het eerste te luisteren naar de magere fluiten en schrille stemmen van het Huelgas Ensemble. Ik was verbijsterd. Hoor, hoor, de avantgarde is niet van vandaag, maar van de zestiende eeuw, en ze snijdt je de adem af. Nog nooit heeft één concert, één cd van Huelgas Ensemble me teleurgesteld. Er zijn veel grote vertolkers van polyfonie maar dirigent Paul van Nevel laat ze allemaal achter zich. Hij is de grootmeester, de magister polyphoniae, zoals ik hem in een gedicht genoemd heb. Telkens opnieuw wil ik die zuiverheid. Telkens opnieuw wil ik ook de les: ware beschaving is helemaal anders dan wat wij vandaag beschaving durven te noemen.

Ik sluit me aan bij de conclusie dat zuiverheid in polyfonie een enorme kracht in de muziek is. Het brengt me terstond in een tijdloze sfeer waarin de tijd stil staat en je oog en oor krijgt voor de wonderbaarlijk scheppende schoonheid die de mens ook eigen is. Cultuur, politiek, doet ons beseffen wat schoonheid is. En dat is een waarde die maar al te graag vergeten wordt als het om gewin gaat.

Pat Kane kruipt dicht op de huid van het Dene-volk

on the land, kane, pat8on the land, kane, pat6on the land, kane, pat4on the land, kane, pat2

Fotograaf Pat Kane nam er de tijd voor. Zo’n twee jaar lang was hij onder de leden van het Dene-volk dat in het noord-westen van Canada te vinden is. Bedoeling was om hun leefomgeving en tradities vast te leggen. In tegenstelling tot de USA, is men in Canada wel belangstellend naar het lot van de oorspronkelijke bewoners.

De uitkomst was een multimedia-project dat On the land heet. Een belangrijk onderdeel van dat project zijn de foto’s die Kane maakte. On the land verwijst naar de speciale en heilige plaatsen die de fotograaf bezocht. De plaatsen waar water en voedsel vandaan komt. De plekken waar Denes elkaar ontmoeten, nadenken en zich met elkaar verbinden.

“Ik maakte foto’s om de verhouding tussen mens en natuur te tonen. In rust en in actie’, aldus Kane.

On the land is een onderdeel van een rondreizend project. De opbrengsten van de tentoonstelling gingen deels naar de Denes zelf, die daarmee programma’s voor de jeugd en en tot behoud van de Dene-cultuur bekostigen.

on the land, kane, paton the land, kane, pat3on the land, kane, pat5on the land, kane, pat7