Bijna iedere dag muziek: Miles Davis

Aanleiding is het thema van de Boekenweek: Rebellen en Dwarsdenkers en een verhelderende docu op Netflix. Die docu gaat over Miles Davis (1926-1991, Alton, USA) en laat zien hoe Davis rebelleerde tegen verwachtingen die men van hem had. Dat begon al met de keuze van het instrument dat hij wilde spelen: trompet in plaats van viool, zoals zijn ouders wilden. Op 19-jarige leeftijd leidde hij al een band. Trad op met Dizzy Gillespie en Charlie “Bird” Parker, die bepalend zouden worden voor de jazz. Waarna uittochtjes naar Parijs volgde. In de Lichtstad maakte hij kennis met alles wat toen hip en cultureel bepalend was. Denk aan: Greco, Malle, Moreau en Satre. In Frankrijk leidde dat op enig moment tot de opname van Ascenseur pour l’Échafaud. De soundtrack van de gelijknamige film die Davis improviserend bij de beelden volspeelde. Davis was muzikaal gelijkwaardig aan hoofdrolspeelster Jeanne Moreau en haar lijden. De film werd dankzij de score een enorm succes. Terug in de USA begonnen de voorbereidingen voor wat een mijlpaal in de jazz zou worden: het opnemen van het album Kind of Blue.

Deelder: drie maal daags (thuis)

Drie maal daags

(Thuis)

Het is hem wederom gelukt vandaag voor twaalven op te staan. / Hij leest de krant en drinkt z’n thee. / Hij neuriet.

In Beieren hebben een 63-jarige boerin en haar 30-jarige zoon zich uit angst behekst te zijn voor de ogen van de 60-jarige boer in de schuur opgehangen.

Hij vouwt de krant dicht en legt hem op die der voorgaande dagen waaruit hij zich o.m. een Canadees meisje herinnert dat op 9-jarige leeftijd stierf en er uitzag als iemand van 90.

Hij zet de radio aan en laat zich voorlichten over rookworst.

(wordt vervolgd)

Uit: Moderne gedichten, Bezige Bij Amsterdam, 1979

nu.nl, deelder, julesbron foto: nu.nl

Jules Deelder (1944-2019, Rotterdam)

Bijna iedere dag muziek: Thelonius Monk

Een pianist in een nauwsluitend, drie-delig kostuum. Zwetend, met open mond spelend. Een platte hoed op. In een niet nader genoemde studio. Zijn vingers lijken kort en dik. De patserige juwelen om zijn hand die de solo speelt. De noten worden zowat gehamerd. De dynamiek laat harde en zachte noten horen. Die zachte noten worden met zwier en liefde vertolkt. Ik hoorde blues, de rivier de Mississippi stromen en zag New Orleans. Het zwart-wit filmpje concentreert zich op de piano-spelende man, die alle aandacht opeist. Maar tussendoor zien we de rest van het gezelschap. Mannen die zich moeten vermaken omdat ze even niet mee mogen doen. Even het genie met rust moeten laten. Een merkwaardig filmpje dit, met jazz-grootheid Theolonius Monk (1917-1982, Rocky Mount, USA) in de hoofdrol. Misschien zegt dit filmpje ook wel meer dan duizend woorden kunnen beschrijven. Aandachtig kijken dus en letten op elk klein, onbenullig detail. Het kan inzicht bieden in waarom Monk zo belangrijk was en is.

Bijna iedere dag muziek: John Coltrane

John Coltrane (1926-1967, Hamlet, USA) is als jazz-artiest met enige regelmaat terug te vinden op lijstjes van pop-liefhebbers. Samen met Miles Davis, met wie Coltrane samen speelde. Dat heeft vooral te maken met de behoefte van beide heren zich voortdurend te vernieuwen, technisch beter te worden en zich her uit te vinden. Vernieuwers die van grote invloed zouden zijn op pop en jazz.

Coltrane vertegenwoordigde de hard-bop in de jazz. Als saxofonist zocht hij naar nieuwe wegen, leunend op zijn techniek, en niet bang om impopulair te worden. Coltrane kende zijn lyrische fase, maar zocht snel naar het experiment. Daarbij gesteund door zijn mede-spelers: pianist McCoy Tyner, drummer Elvin Jones en bassist Jimmy Garrison. Later zou hij met Archie Shepp en Pharoah Sanders nog verder de grenzen van de jazz opzoeken.

Op 40-jarige leeftijd overleed Coltrane aan lever-kanker. Daarmee kwam een einde aan een periode van 20 jaar waarin de sax-speler pionierde in de jazz en de free-jazz handen en voeten gaf.

Bijna iedere dag muziek: Steve Winwood

Steve Winwood (1948, Handsworth, UK) was al jong, zeer jong aktief in de muziek. Op 8-jarige leeftijd speelde hij al drums, piano en gitaar en trad hij op met zijn broer en vader in een dixieland-band. In zijn muzikale loopbaan zouden muziekstijlen en nieuwe richtingen volgen, eerst in groepsverband, later solo.

In de jaren 60 verliet hij de jazz en trad toe tot de Spencer Davis Group. Steve was toen een jaar of 15. Belangrijkste reden voor die switch: de interesse voor R&B.

In 1967 vertrok Winwood bij Spencer Davis en nam de gitaar en piano/orgel op bij Traffic. Traffic was nogal beïnvloed door het succes van The Beatles. Psychedelica, sitar, studio-snufjes, allemaal te vinden in het werk van Traffic, waarin naast Winwood, onder andere Jim Capaldi en Dave Mason speelden.

Ook hier was Winwood snel uitgekeken. Steve leerde Eric Clapton kennen en Ginger Baker. Volgende stap op de muzikale ladder: Blind Faith. Steve’s bijdrage aan deze superband zou niet lang duren.

Wat volgt is een halve solo-carrière, die nooit echt succesvol werd en veel studio-werk. Winwood werd succesvol als studio-muzikant. In de jaren 80 volgden met name wat (blue-eyed soul)hits. Maar wat altijd bleef is dat kenmerkende stemgeluid: krachtig, onderscheidend. Daarnaast is Winwood een gewaardeerd keyboard-speler gebleven.

Bijna iedere dag muziek: Bill Evans

Als het om jazz gaat in combinatie met piano zijn er twee groten wat mij betreft: McCoy Tyner en Bill Evans. En met groot bedoel ik: uniek en invloedrijk. Bill Evans (1929-1980, Plainfield, USA) staat met zijn speelstijl voor een aparte stroming en (leer)school in de jazz: cool. Voor zijn luisteraars is Evans vooral een stemming. Evans zou van invloed zijn op navolgers als: Herbie Hancock, Brad Mehldau, Chick Corea en Keith Jarrett om er maar een paar te noemen. Evans stijl is nogal nadrukkelijk beïnvloed door klassieke componisten als Ravel en Debussy. Zijn stijl is lyrisch, introvert, relaxed, maar vooral nieuw door die Europese klassieke invloeden.

Bill Evans leerde zijn navolgers toch vooral op techniek en harmonie te studeren zodat hun inspiratie tot maximaal resultaat zou leiden. Zelf werkte hij hard aan die speciale Evans-touch, die fijnzinnige, speciale toon, die hij uit zijn piano wilde horen. Evans was een voorstander van de eigen plek die drums en bas moesten hebben in het trio dat hij als basis voor zijn optredens koos.

Moeite had Evans met de veeleisende muziek-industrie, waarmee hij het liefst weinig van doen had. Hij sloot zichzelf buiten en koos voor de drugs als bescherming tegen die boze buitenwereld. Aan de verslaving aan cocaïne overleed hij tenslotte. Na zijn dood bleek dat er een enorm aantal opnames van zijn trio waren. Die zijn tot op de dag van vandaag te horen. Een selectie daaruit volgt hieronder. Omdat er zoveel Evans trio te vinden en te horen is, volgt hier een wijze raad: met mate.

 

Hans Vlek: na een dag hard werken

Na een dag hard werken

Van 8 tot 5 ben ik in ruim twee / in touw met het lossen van zwavel / het schip moet voor donker nog weg

zachte pijn nestelt zich tussen de / schouderbladen – in de ooghoeken / een wat scherpere maar dat is / even wennen

hijs na hijs – onderuit / jonges! roept steeds de meester – / verdwijnt aan een kabel de hemel in / de lucht klinkt beter

zuurkool vult mijn neusgat / als ik tegen zessen thuiskom / de krant laat ik toegevouwen liggen / mijn interesse voor Heinrich Heine / blijkt nihil mijn eetlust

gelukkig uitmuntend

Uit: Zwart op wit, Querido Amsterdam, 1970

tzuminfo.nl, hans vlekbron foto: tzuminfo.nl

Hans Vlek (1947-2016, Amsterdam)

Bijna iedere dag muziek: Chet Baker

Het is het uur van de lamlendigheid, de verveling. Het moment waarop het feestgedruis allang verwaaid is. Er bestaat behoefte aan een rustige toon. Muziek die het gat vult tussen energie en dynamiek. Opladen. Dat gaat het beste met de melancholie van jazz-trompettist en zanger Chet Baker (1929-1988, Yale, USA). Een man met een ongekende cultstatus. Een jonge veelbelovende prins met coole looks (zonnebril op binnen), die een leven lang strijdt tegen status, drugs en drank en uiteindelijk dramatisch om het leven komt in Amsterdam. Maar onsterfelijk is geworden door zijn muziek. Waarvan hier een paar voorbeelden. Chet forever!