Niets blijft wit in het werk van Renie Spoelstra

spoelstra; landschapspoelstra; landschap3spoelstra; landschap5spoelstra; landschap7

Renie Spoelstra (1974) gebruikt filmbeelden als uitgangspunt voor haar houtskooltekeningen. Het worden landschappen waar het licht bijna ontbreekt. Ze werkt met houtskool en krijt; gebruikt spons, veer en watten om de beoogde effecten te bereiken. De afgebeelde natuurlijke krachten lijken gebalanceerd als het dode punt van de schommel, een moment om je adem in te houden. Voor Spoelstra roepen deze momenten een diep existentieel verlangen.

Spoelstra woont en werkt in Nederland. Haar werk is tentoongesteld in het Stedelijk Museum Schiedam, het Museum Boijmans van Beuningen (Rotterdam) en het Rijksmuseum Twenthe (Enschede). Het werk is opgenomen in gerenommeerde collecties zoals MACBA (Barcelona), Centraal Museum Utrecht en Museum Voorlinden (Wassenaar).

spoelstra; landschap2spoelstra; landschap4spoelstra; landschap6

Christiaan Kuitwaard schildert schaduwen

christiaan kuitwaard; landschap4christiaan kuitwaard; landschap6christiaan kuitwaard; landschap8christiaan kuitwaard; landschap10

Christiaan Kuitwaard (1965) schildert schaduwen. Zijn werk gaat over relativeren en stilte. Zijn stillevens, bomen en zeegezichten worden soms bijna van hun betekenis ontdaan.

Naast de landschappen schildert Christiaan sinds 2010 elke week een zogeheten White Box Painting. Onderwerp: een witgeverfd voorwerp in een witte kist. In 2019 toonde museum MORE een groot aantal uit deze reeks. Behalve schilderijen maakt hij ook objecten en is een hartstochtelijk tekenaar en aquarellist.

Kuitwaard brak landelijk door toen Joost Zwagerman meerdere werken van hem selecteerde voor de tentoonstelling Silence out Loud in Museum Kranenburg te Bergen (2015). Daarna was zijn werk vertegenwoordigt op verschillende landelijke podia, waaronder Museum De Fundatie te Zwolle en Museum MORE te Gorssel. In 2017 was er een solo tentoonstelling in museum Belvédère in Heerenveen. Er verschenen meerdere boeken over zijn werk.

christiaan kuitwaard; landschapchristiaan kuitwaard; landschap7christiaan kuitwaard; landschap9

James ‘Jim’ Morrison schilderde een tastbaar verfijnd landschap

james morrison; landschap2james morrison; landschap4Approaching StormJames ‘Jim’ Morrison (1932-2020, Schot) werd geboren in Glasgow, studeerde van 1950 tot 1954 aan de Glasgow School of Art. Belangrijk voor zijn ontwikkeling was het vissersdorp Catterline. Hij kwam er voor het eerst in 1955 en vestigde zich er in 1957. Op de Duncan of Jordanstone College of Art in Dundee gaf hij les. Vanaf 1965 verhuisde hij naar Montrose. Daar zou hij meer dan 60 jaar landschappen schilderen. Landschappen die grof en rauw opgezet werden (met penne- en verfstrepen) en die bijna tastbaar lijken. Je zou er in willen stappen. De verfijnde toets kwam later. Hoewel Montrose een onuitputtelijke bron bleek, reisde Morrison veel en vaak. Hij bezocht de Schotse westkust, Skye, Mull, the Borders, Arisaig, Parijs en andere plekken in Frakkrijk. Vanaf 1990 trok het arctisch gebied zijn aandacht. Ook dat landschap werd door de Schot op doek gezet.

Morrison was een begaafd spreker. Hij werd in de UK bekend vanwege zijn optredens op radio en tv.

james morrison; landschapjames morrison; landschap3james morrison; landschap5

Wim Oepts: kleurrijk en abstract zijn de landschappen

wim oepts; landschap2wim oepts; landschap4wim oepts; landschap6Wim Oepts (1904-1988, Amsterdam) zou bekend worden als kunstenaar door zijn geschilderde landschappen. Landschappen die kleurrijk zijn en abstract aandoen. Die schilderijen kwamen vooral in Frankrijk tot stand. Oepts was getrouwd met een française en werkte afwisselend in Zuid-Frankrijk en Parijs.

Wim Oepts was autodidact. Na de ambachtsschool, volgde hij een opleiding tot bouwkundig tekenaar. Als tekenaar werkte hij in de Amsterdamse haven bij de firma Schippers Werktuigen.

Begin jaren 20 begon hij met vrij werk: tekeningen, hout- en linoleumsnedes. In 1924 ontdektte Charley Toorop zijn werk, nam hem onder haar hoede, introduceerde de Amsterdammer in haar kunstenaarskring en moedigde hem aan te gaan werken met olieverf. Tot 1935 maakte Oepts stad- en straatgezichten van Amsterdam en deed dat in donkere kleuren.

Als Oepts Frankrijk en met name Parijs gaat bezoeken, ontdekt hij de lichtere schilderstijl die daar bon ton is. Hij neemt lessen bij Othon Friesz, die hem het samenspel van kleuren bijbrengt. Na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog vlucht hij met zijn Franse vrouw naar Engeland. Daar is hij eerst war artist, maar in 1944 besluit hij mee te doen als militair aan de invasie in Frankrijk. Daar raakt hij gewond. Voor zijn werk in de oorlog krijgt hij in 1958 de Prijs van de Stichting Kunstenaarsverzet.

Na de oorlog keert Oepts terug naar Frankrijk. Hij leeft teruggetrokken, mijdt publiciteit en heeft nauwelijks contacten met andere kunstenaars en de kunsthandel.

wim oepts; landschapwim oepts; landschap3wim oepts; landschap5

De Franse landschappen van de ‘volwassen’ Oepts zijn meestal direct herkenbaar door de – aan de vroegere houtsnijder herinnerende – opbouw van de compositie in contrasterende vlakken en door het eigenzinnig kleurgebruik. Zo kan Oepts het felle zuidelijke licht weergeven door de hemel groen te kleuren en gebruikt hij in later werk vaak ook zwart als kleur. Het zijn schilderijen met een heel eigen karakter.

bron: nl.wikipedia.org

Lucas Gassel gebruikt het landschap om het ware leven te tonen

lucas gassel; landschap2lucas gassel; landschap4lucas gassel; landschap6

Lucas Gassel (1488-1569), geboren en getogen in het Brabantse Helmond, was zoon van een schilder en kende palet en penseel. Als jongeling trok hij naar de Zuidelijke Nederlanden om zich aan te sluiten bij de Antwerpse School. Daar, en later in Brussel, ontwikkelt hij zich als een belangrijk en invloedrijk landschapsschilder.

Gassel gebruikt het landschap niet langer als decor maar verdiept zich in de schoonheid ervan. Hij schildert in de traditie van de late Middeleeuwen, maar voegt elementen uit de nieuwe tijd toe: bergen, rivieren, bossen, wegen, kastelen en dorpen. Vaak piepklein vinden we de mens terug: boeren, burgers en buitenlui in hun dagelijkse bezigheden. Gassel was schilder van het zogenaamde wereldlandschap. In de schilderijen werd nadrukkelijk getoond dat de schilder op de hoogte was van hoe het landschap er elders in Europa uitzag. Vandaar heuvels en bergen.

Naast de onontkoombare bijbelse taferelen had de Brabander ook oog voor het alledaagse van de mensen om hem heen. De visser, boer, edelman, handelaar en ambachtsman kregen allemaal een plekje. Vaak ook in hun bezigheden. We zien vissers bezig met hun vangst, schaapscheerders scheren schapen (alliteratie) en boeren bezig hun land te bewerken. Dat maakt Gassel bijzonder: hij biedt ons een tijdsbeeld waarin ook de gewone man een plek krijgt.

bron: lucasgassel.nl

lucas gassel; landschap5lucas gassel; landschap3lucas gassel; landschap

Cornelis Rip vernieuwde zich in de landschap-schilderkunst

cornelis rip; landschapcornelis rip; landschap3cornelis rip; landschap5

Willem Cornelis Rip (1856 – 1922, Rotterdam, ) was kunstschilder. Rip was eerst lithograaf en werkzaam bij een drukkerij, studeerde aan de Rotterdamse Academie voor Beeldende Kunsten in de avonduren. Aan het eind van het eerste jaar ontving hij een prijs. Bij zijn afstuderen werd hem de hoogste onderscheiding toegekend. Vervolgens deed hij een studie in het Museum Boijmans om werk van de grote romantische schilder B.C. Koekoek te bestuderen. Hij was ook zo veel mogelijk buiten om de natuur te gaan schetsen. Willem Rip was een getrouwe volgeling van de beginselen van de Haagse School. Rip was lid van de Pulchri Studio te Den Haag.

Litho’s, tekeningen, schilderijen en aquarellen; vooral landschappen, polders met vaarten en meertjes, en stadsranden met molens namen een speciale plaats in; hij wordt beschouwd als een begaafd aquarellist, het werk is impressionistisch. Zijn kracht ligt in zijn ruimtegevoel en in zijn luchten met een zon die door het wolkendek heen breekt. Soms schilderde hij duinlandschappen in de buurt van Bloemendaal. Rip wilde zich niet beperken tot het schilderen van slechts één streek of één type landschap, hoe mooi dit ook kon zijn. Hij vond dat de indrukken van een schilder altijd fris moesten zijn en dat een kunstenaar zichzelf voortdurend moest vernieuwen door op zoek te gaan naar nieuwe verrassende stukjes natuur. Rip blonk dan ook vooral uit als aquarellist; in dit vluchtige medium kon hij het snelst en meest trefzeker, met eenvoudige middelen, zijn indrukken tot expressie brengen.

bron: kunsthandelmartins.nl

cornelis rip; landschap2cornelis rip; landschap4cornelis rip; landschap6

Frank Duveneck zocht en vond zijn eigen stijl

Frank-Duveneck; realisme5Frank-Duveneck; realisme6Frank-Duveneck; realisme7Frank-Duveneck; realisme8

De Amerikaanse kunstschilder Frank Duveneck ((1848-1919) begon met landschappen en vond zijn stijl uiteindelijk in portretten, sober in kleur, maar vol zeggingskracht.

Duveneck was zoon van Duitse immigranten en verloor zijn vader op jonge leeftijd. Moeder hertrouwde met Duveneck en verhuisde naar Cincinnati. Daar kwam hij op zijn vijftiende in contact met kerkdecorateur Johann Schmitt, die schilderde in de stijl van de Nazarenes. In 1870 besloot de jonge Duveneck te vertrekken naar München om daar naar de Akademie voor de Kunsten te gaan.  Zijn stijl werd realistisch in donkere tinten. Zijn voorbeelden waren toen: Velázquez en Frans Hals. Belangrijkste invloed in Duitsland was Wilhelm Leibl. Duveneck leerde de ‘alla prima’-techniek kennen en toepassen. Verf meteen op het doek zonder schetsen vooraf. Het donkere palet dat verwijst naar de oude meesters werd zijn belangrijkste schilderkeuze. Zijn mede-studenten en volgers in stijl, zowel in Europa en Amerika beïnvloedden de verdere ontwikkeling van zijn stijl. Zijn stijl werd wat lichter van toets en de onderwerpkeuze breder.

De Amerikaan bleef pendelen tussen Europa en de VS tot hij in 1889 besloot zich definitief te vestigen in Cincinnati. Daar werd hij een belangrijk en invloedrijk docent. Op latere leeftijd schilderde Duveneck vooral portretten en daar lag zijn kracht.

Frank-Duveneck; realismeFrank-Duveneck; realisme2Frank-Duveneck; realisme3Frank-Duveneck; realisme4

Peter Janssen schept orde in zijn chaos

peter jansen; verzamelen2peter jansen; verzamelen4peter jansen; verzamelen6peter jansen; verzamelen8

De Amsterdamse kunstenaar Peter Janssen (1951) heeft een fascinatie voor details en collecties. Zijn werk is conceptueel en zijn presentaties worden bedacht in meerdere dimensies. De werken zijn vooral bedoeld om orde in de chaos te brengen die Janssen innerlijk voelt. Hij gebruikt verschillende mediavormen maar heeft een voorkeur voor het werken met papier, canvas en de combinatie daarvan. Zelf zegt hij over zijn werk:

‘Als kunstenaar ben ik een autodidact. Mijn oog voor leven, dood, licht, donker, structuur en schoonheid van details brengt mij doorlopend in een staat van verwondering.

In en door mijn werk probeer ik de chaos aan indrukken te catalogiseren en die verwondering om te zetten in een voor mij overzichtelijk landschap van gevoel door beeld.’

peter jansen; verzamelen3peter jansen; verzamelen5peter jansen; verzamelen7

Japans huis biedt zicht op buiten

japans huis2japans huis4japans huis6japans huis8

Een heerlijk boek is het: De scheppende mens van historicus en schrijver Daniel Boorstin. Het is een alomvattend boek over wat de mens uniek maakt: zijn/haar scheppingen. Van dit boek heb ik bijvoorbeeld geleerd dat wij westerlingen compleet anders tegen de wereld aankijken dan de meeste oosterlingen. Wij geloven in 1 God, in het Verre Oosten ontbreekt die ene God vaak of meestal. Of zoals Boorstin het formuleert:

Het westerse geloof in een Schepper-God en een scheppende mens heeft tot het idee geleid dat de natuur overwonnen dient te worden. Onder anderen de Japanners, die geen `Schepper-God of een mythe van het eerste begin hadden zoals wij in het Westen, vonden daarentegen een andere weg en maakten van de natuur een bondgenoot.

(..)

… mannen en vrouwen zijn broeders en zusters van alle objecten in de natuur. De mens ‘beheerst’ de natuur niet, omdat hij er deel van uitmaakt. Hij kan geen heer en meester zijn over andere schepselen, want iedereen is deel van dezelfde familie.

(..)

De mens is een ondeelbaar aspect van het landschap, zoals het landschap een deel van de mens is.

Een keuze die uit deze houding en deze ideeên voortvloeide, is dat de Japanse cultuur veel gebouwen van hout kent en kende. Hout speelde een dominante rol in de Japanse architectuur.

Hout kent natuurlijk ook zijn beperkingen. Brandgevaar bijvoorbeeld. Dat verklaart voor een belangrijk deel hoe het Japanse huis eruit is gaan zien.

… het Japans huis beantwoordt bewonderenswaardig aan de doelen die het zijn gesteld…. een brandveilig gebouw. … ze (Japanners) hebben zich door de nood gedwongen met het andere uiterste beziggehouden en een huis gebouwd waarvan zelfs het skelet ingeval van brand makkelijk kan worden gesloopt. Matten, wanden in de vorm van schermen, zelfs de uit platen hout bestaande plafonds kunnen gemakkelijk worden meegenomen. Het dak is eenvoudig van pannen en planken te ontdoen en het skelet dat resteert wordt slechts langzaam door de vlammen aangetast.

Een ander belangrijk item van het Japanse huis is de doorkijk naar de tuin:

De vermenging van binnen- en buitenruimte doet in de klassieke Japanse architectuur naïef aan. Als men op het gebouw afloopt kijkt men er doorheen en ziet men de erachter gelegen tuin. En de bewoner die voor de geopende of half geopende verschuifbare papieren schermen (fusuma en shoju) zit, vat het huis en het omringende landschap in één blik als hij om zich heen kijkt.

Het Japanse huis, dat op zichzelf nooit volledig was, was een deel van het landschap, en de tuin was één met het huis.

De Japanse tuin was ontworpen voor alle jaargetijden, paste zich aan de seizoenswisselingen aan en deed deze op hun gunstigst uitkomen.

uit: de scheppende mens, Agon Amsterdam, 1992; vertaling Paul Syrier

Daniel Boorstin (1914-2004, Atlanta, USA)

japans huis3japans huis5japans huis7japans huis9