García Lorca legt uit wat poëzie is

Poëzie zit in alle dingen, in het lelijke, in het mooie, in het stuitende; de moeilijkheid is haar te ontdekken, de diepe meren van de ziel te wekken. Het knappe van een geest is dat hij een gemoedsaandoening kan ondergaan en op vele manieren, die allemaal verschillend en tegengesteld zijn, kan interpreteren. En door de wereld kan gaan, opdat we bij de poort van onze ‘eenzame weg’ gekomen de beker kunnen ledigen van alle bestaande emoties, deugd, zonde, zuiverheid, zwartheid. Interpretatie dient altijd te geschieden door onze ziel over de dingen te schenken, door een spiritueel iets te zien waar het niet bestaat, door de vormen de verrukking te geven van onze gevoelens, we dienen op verlaten pleinen de zielen van weleer te zien die eroverheen gingen, we moeten één en duizend zijn om de dingen in al hun nuances te ondergaan. We moeten gelovig én profaan zijn. De mystiek van een strenge gotische kathedraal combineren met het wonder van het heidense Griekenland. Alles zien, alles ondergaan. In de eeuwigheid zullen we worden beloond voor het feit dat we geen horizonten hebben gekend. Liefde en erbarmen jegens allen en respect voor allen zal ons naar het ideële koninkrijk brengen. We moeten dromen. Ongelukzalig hij die niet droomt, want hij zal het licht nooit zien…

federico-garcia-lorca

bron illustratie: ikewrites.com

Federico García Lorca (1898 – 1936), Spaans

Uit: Voorwoord Impressie van Spanje – Federico García Lorca, Meulenhoff Amserdam, 1998; vertaling Barber van der Pol

Buñuel, Burton

Luis Buñuel is een surrealistisch filmer. In zijn films mag alles en is niets waar. Buñuel: godslasterlijk, aards, absurd, anti-bourgeoisie, duister, kinky, freudiaan, anti-kapitalist, revolutionair, banaal, oplichter, subversief en humoristisch.

Zijn eerste twee films: Un Chien Andalou en L’Age d’Or zijn surrealistische statements. Ze tonen thema’s die in veel van zijn films terugkeren: katholicisme, bourgeoisie, anti-kapitalisme en rationaliteit. Zijn eerste films waren schokkend en omstreden. In het vrome en (later) dictatoriale Spanje werden ze verboden. Reden waarom Buñuel Spanje ontvluchtte en in Mexico aan het werk ging. In Mexico maakte hij veel films maar op een aantal na (Los Olividados, El en Robinson Crusoe), zijn ze niet heel spectaculair.

Na 29 jaar keerde Buñuel terug naar Spanje. In 1961 maakte hij daar Viridiana. Viridiana is een film over de katholieke mentaliteit, in Spanje verboden, zette de film Buñuel als filmmaker weer op de kaart. Er volgden nog een reeks spraakmakende films: La Charme Discret de la Bourgeoisie, Le Journal d’une Femme de Chambre, Belle de Jour, Le Fantôme de la Liberté en Cet Obscur Object du Désir. Films waarin  de Spaanse grootmeester zijn camera richt op de ongemakkelijke kanten van: geloof, liefde, welvaart, erotiek en politiek. Buñuel kleurt ze op geheel eigen wijze in en voorziet ze van een subversief en humoristisch tintje.