Het virus: geen wankelende vaas

Geen wankelende vaas

Geen wankelende vaas valt ooit / aan willekeurige stukken / geen ziektes en geen ongelukken / geen steentje door een kind gegooid

in dit heelal dat ons omplooit / zal het zelfs onbedoeld gelukken / zich aan de orde te ontrukken / die ons al koesterend omkooit

In kerkers en in kerkhoven / zijn wezens waar wij vast verwoven / mee liggen lijden en weer staan

van liefde wankelend waar boven / alles wij in geloven / onvergankelijk te vergaan.

Uit: De godganselijke nacht, Querido Amsterdam, 1993

vroman, leo en tineke, nos.nlLeo en Tineke Vroman; bron foto: nos.nl

Leo Vroman (1915-2014, Gouda)

Landschap en herinnering: het kathedraal-bos

Caspar_David_Friedrich_-_The_Cross_in_the_Mountains, wikipedia commons

Het kruis in de bergen van Caspar David Friedrichs (circa 1811)

De evolutie van Noordeuropese boomaanbidding via de chistelijke iconografie van de levensboom en het houten kruis tot aan beelden als Caspar David Friedrichs (1798-1840, Dresden, Duitsland) uitgesproken associatie tussen de altijdgroene spar en de architectuur van de wederopstanding (zie illustratie) kan esoterisch lijken. Maar in werkelijkheid leidt zij rechtstreeks naar het wezen van onze diepste verlangens: de hunkering om in de natuur troost te vinden voor onze sterfelijkheid. Daarom vinden we groepjes bomen, met hun jaarlijkse belofte van de ontwakende lente, een passend decor voor ons stoffelijk overschot. Het mysterie achter deze gemeenplaats blijkt veel te zeggen over de intiemste relatie tussen natuurlijke vorm en menselijk ontwerp.

Uit: Landschap en herinnering – Simon Schama, Olympus Amsterdam, 2007; vertaling Karina van Santen en Martine Vosmaer

Willem den Ouden: ‘het ontzaglijk onnoembare’

willen den ouden 2willen den ouden 4

Rivier. Dijk. Wolken. Landschap als geheugen / voor tekens van een eeuwen gesproken taal.

Doorgestreept door wie geen tegen- / spraak verdragen, langs een dode lineaal.

Willem van Toorn

Elke windrichting heeft zijn eigen licht en zijn eigen structuur in de wolken en daardoor zijn eigen atmosfeer. Wat het meest voorkomt zijn de zuidwester en de westenwinden: flarden van wolken die voorbij jagen met heel diffuus licht. Bij noordwester wind komen stapelwolken vanuit de Noordzee als beeldhouwwerken naar binnen toe drijven. ’s Zomers krijg je bij oostenwind een strakke lucht, die er een beetje schemerig en vlakkerig uit ziet. Vaak heb je dan ook een hele harde wind en dat geeft weer een hele andere kleur. Zuid is meestal heel zachte, blauwe lucht met van die warmtenevels waar zich dan later weer wolken uit formeren. Soms verandert dat een aantal keren per dag en daarom kun je ook op een plaats blijven staan, want de veranderingen komen naar je toe. Als die wolken over het landschap schuiven, zie je schaduwen en dan opeens straalt daar de zon, alsof de grote regisseur, God zelf, daar opeens een straal door de wolken laat komen (‘het ontzaglijk onnoembare’ noemde Vincent van Gogh het Drentse landschap eens in een brief. Den Ouden herkent dat gevoel.). Als je dan op de rivier kijkt en je ziet het stromen van het water en je kijkt tegen de zon in, dan kaatst het licht van bovenaf in dat stromende water en weer terug.

Uit: Dit is de plek – Wam de Moor, Gaillarde Pers Zutphen, 1992

Willem den Ouden (1928, Haarlem)

willen den ouden 1willen den ouden 3

Vroman: De kikker en de koe

De kikker en de koe

Een kikker knorde tot een koe. / Deze sprak later zachtjes: boe.

Beiden vonden hun gesprek / eerder te langzaam dan te gek.

De kikker vroeg dan ook een paling, / de koe een loopeend om vertaling.

Het aldus zeer verrijkte kwaken / moest alles duidelijk maken;

de paling echter en de eend / geraakten van verschil gemeend.

Zij riepen dus een wouw, een wulp, / een baardvlieg en een baars te hulp.

De baars begreep dit alles niet / en wendde zich wenend tot het riet.

Het riet lispelde eerst voor zich uit; / toen boog het zich en ruiste luid.

De dieren zwegen, luisterden. / Het riet siste, en fluisterde,

het sprak tot allen tegelijk; / tot de twee honden op de dijk,

tot meeuwen, in het gras verloren / (branding nog dreunend in hun oren),

tot het wapperend graaspaard in die wei / (het hief het hoofd; het kwam nabij),

een mens opende zijn raam zelfs wat / en fluisterde: ‘sssst… hoor je dat…’

moraal

tegen het spreken is gezang / dat niets beduidt van groot belang.

vroman, jeroen henneman, groene.nlVroman getekend door Jeroen Henneman; bron illustratie: groene.nl

Leo Vroman (1915-2014, Amsterdam)

Uit: Gedichten 1946-1984, Querido Amsterdam, 1985

We kunnen nauwelijks zonder verhaal, zonder gebeurtenissen en personages; zij zijn de definities in actie.

Enerzijds is er de werkelijkheid, anderzijds zijn er de verhalen. Die zijn er zodra we over de werkelijkheid spreken. Alleen de dieren leven zonder verhaal. Daarom verzinnen wij er over hen, in hun plaats.

Uit: De dichter is een koe. Over poëzie – Hugo Brems, Arbeiderspers Amsterdam, 1991

F. Harmsen van Beek: humorloos gedicht

Humorloos gedicht

Waar winter schaduw aanblaast op het lijf / verstijft de ademtocht tot kleine rook, / van wellust geel, de appels van het oog, / na-oogst van brakke hoop, beslaan met rijp.

O. Minnaars, door dit najaar ondermijnd / zijn wel geschraagd door zwart, waarachtig hout / maar staan als stammen, van hun kroon ontzet / met smalle handjes, spin- en bladernaakt

en loven, liefkozen en spelen wel en / wentelen en strelen, eindeloos verstekt / het tedere insect, dat, winters al verpopt / verstopt, hergeven paradijs verbeidt:

maar ai, dat appeltje, getroond maar ongeplukt, / geluk? behouden aan de hoogste twijg, ge- / neigd tot eerste windvlaag het verrukt, / naar willekeur der zinnen, tot vergetelheid?

harmsen van beek, dvhnbron foto: dvhn.nl

F. Harmsen van Beek (1927-2009)

Uit: Aan het werk, Bezige Bij Amsterdam, 1981

Caspar van Wittel schilderde Italiaanse stadsgezichten en kreeg navolging

Gaspar_van_Wittel 2Gaspar_van_Wittel 4Gaspar_van_Wittel 6Caspar (Adriaensz) van Wittel (1653 – 1736) was een Nederlands tekenaar en schilder, maar werd in Italië een grootheid. Van Wittel schilderde in Italië stadsgezichten en introduceerde het stadsgezicht als onderwerp van schilderen in Italië. Hij kreeg navolging in dit werk door onder andere Canaletto en Guardi, die zijn werk zouden perfectioneren.

In ons land is Van Wittel geen erg bekende schilder; in Italië werd hij ‘wereldberoemd’. Daar is hij bekend geworden onder de naam Gasparo Vanvitelli, een mooie Italiaanse verbastering van zijn naam. Van Wittel is vader van Luigi Vanvitelli, de Italiaans-Hollandse architect die een zwaar stempel zou drukken op de 18-de eeuwse Italiaanse architectuur met zijn barokke en neo-classicistische bouwwerken.

Aan het schilderwerk van zijn vader wordt binnenkort een tentoonstelling gewijd in Amersfoort. Zie link:

https://www.kunsthalkade.nl/nl/tentoonstellingen/caspar-van-wittel-de-ontdekking-van-een-hollands-meester-in-italie?

Gaspar_van_Wittel 1Gaspar_van_Wittel 3Gaspar_van_Wittel 5

Het sprankelende kleurenpalet van Marià Fortuny

fortuny y marsal 1fortuny y marsal 3fortuny y marsal 5Marià Fortuny, eigenlijk Marià Josep Maria Bernat Fortuny i Carbó, ook Marià Josep Maria Bernat Fortuny i Marsal, (1838 – 1874), was een Spaans kunstschilder, graficus en tekenaar.

Fortuny maakte in de stijl van Meissonier een aantal kleine genrestukken. Hij schilderde bij voorkeur werken met een opgewekte inhoud in tegenstelling tot de zwaarmoedige Spaanse traditie. Hij gebruikte een sprankelend kleurenpalet, was technisch virtuoos, schilderde mooie lichteffecten en had een voorliefde voor anekdotische details in zijn werken.

Hij had in de jaren 1870 vooral succes in Frankrijk waar de critici de opkomende impressionisten als navolgers van Fortuny zagen en op basis van hun vrije penseelvoering en heldere lichte kleuren “fortunisten” werden genoemd. Fortuny’s succes viel dus samen met de opkomst van de impressionisten hoewel hijzelf niet bij die stroming kan ingedeeld worden. Hij blijft het academische clair-obscur gebruiken en zijn voorliefde voor zwart, bruin en aardtinten onderscheidt hem duidelijk van de impressionisten. In de periode na zijn huwelijk, schilderde hij vooral taferelen uit Sevilla, Portici en Granada, landschappen, portretten en naakten.

fortuny y marsal 2fortuny y marsal 4fortuny y marsal 6

Gavarni illustreerde het Parijse leven

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

paul garvani 3

paul garvani 5Paul Gavarni (1804 – 1866, Frans) was tekenaar en graficus en illustreerde vooral het Parijse leven van zijn tijd. Preciezer gezegd hij tekende en graveerde de eigentijdse zeden. Dat deed hij met vaste hand en met een fijn gevoel voor de verbeelding.

Gavarni werkte mee aan verschillende tijdschriften en illustreerde boeken onder andere van Balzac.

paul garvani 6

paul garvani 4

paul garvani 2In de jaren 1847 tot 1851 verbleef de Franse graficus in Londen. Daar raakte hij onder de indruk van het lompenproletariaat. Hij wijdde veel tekeningen aan de uitzichtloosheid van de armen. Na terugkeer uit Londen begon een uiterst productieve tijd. Vele series litho’s en duizenden tekeningen en aquarellen verschenen van zijn hand. Daaruit een keuze.

Leo Vroman: opnieuw

Opnieuw

Ik zal onvoorbereid opstaan / en dromende mijn droom uitgaan / in het zonlicht van de maan

daarbij heb ik twee schoenen aan

Zelf lig ik op een regenbed / Een treurwilg is daarnaast gezet / die op mijn ademhaling let

in een bries motregent het

Ook sta ik door mijn liefste heen / alsof ik liefst met haar versteen / Besta ik in het algemeen?

Ik ben veelvuldig en alleen

Elk daarvan die ik werkelijk heet / kwam van een andere planeet / waar ik de taal niet meer van weet

wat ik daar moest en daarom deed

Weer weet mijn ik dit van ver af / en wijst mij met haar warme staf / elk aardrijk dat mij leven gaf

weer zonder grond voor gras of graf

Vroman_Leobron foto: singeluitgeverijen.nl

Leo Vroman (1915 – 2014)

Uit: Dierbare ondeelbaarheid, Querido Amsterdam, 1989