Robert Bly: de schildpad

zeeschildpad

De zeeschildpad legt eieren op het strand, bron: WNF

De schildpad

Hoe glanst niet de schildpad / die uit het water komt, de rots beklimt / alsof haar lichaam door haar pantser schemert! / Alsof snelle schildpadvleugels opwieken uit de duisternis / een paar hinderpalen namen / en nieuwe ogen vonden. / Een oude man met zijn stok struikelt. / Later vinden wandelaars gaten in de zwarte aarde. / De slak klimt glinsterend langs de natte stam omhoog / als een vliegende engel met slierende zwarte banieren. / Niemand vindt de reusachtige schildpadeieren / die in het binnenland liggen op de bodem van de oude zee.

Robert Bly (1926) Amerikaans

vertaling J. Bernlef

Charles Simic: terugkeer naar een plek verlicht door een glas melk

verlichte koplampen

Verlicht door de koplampen van een passerende auto

Terugkeer naar een plek verlicht door een glas melk

’s Avonds laat houden onze handen op met werken. / Ze liggen opengeslagen, met de sporen van dieren / Trekkend over de pas gevallen sneeuw. / Ze hebben niemand nodig. Eenzaamheid omringt hen.

Terwijl ze dichterbij komen, elkaar raken, / Is het alsof twee smalle beken / Bij het binnenstromen van een brede rivier / De ruk van de verre zee voelen.

De zee is een kamer ver terug in de tijd / Verlicht door de koplampen van een passerende auto. / Een glas melk staat op tafel te gloeien. / Alleen jij kan het nog voor mij bereiken.

Charles Simic (1938), Servisch-Amerikaans

Vertaling Peter Nijmeijer

Vázquez Díaz: met mezelf aan zee

paarsblauwe zee

Voor hem de zee, onaanraakbaar, paarsblauw

Met mezelf aan zee

De zee kan er niet in, / kan vandaag zichzelf niet in, / en ongetwijfeld is het mijn schuld. / Grimmige dreiging, stiltegezwel, spiegel, / waarin de afgrond zichzelf aangaapt. / Een jongen, alleen, hurkt / vlak bij de zee-oever, praat in zichzelf / of misschien tegen de keien. Kijk uit, jongen. / Voor hem de zee, onaanraakbaar, paarsblauw / als het oog van een wild dier. / De zee wacht, gespannen (het is mijn schuld); / de jongen hoeft er maar in te stappen / en ze zou overstromen, plots / zou ze alle havens opslokken. / Kijk uit, jongen, kijk uit! De zee kan / zichzelf niet in, en het is mijn schuld! / De jongen draait zich om en ziet me. / Ik kijk hem strak aan, hij kijkt naar mij / zonder zijn ogen neer te slaan. / Hij glimlacht.

René Vázquez Díaz (1952), Cubaans

Vertaling Stefaan van den Bremt

Nichols: eilandman

het geluid van de blauwe branding

Bij het geluid van blauwe branding

Eilandman

(voor een Caribische eilandman in Londen die nog steeds wakker wordt bij het geluid van de zee)

Ochtend / en eilandman wordt wakker / bij het geluid van blauwe branding / in zijn hoofd / het gestage breken en terugkeren in de schoot

wilde zeevogels / en vissers die zeewaarts gaan / de zon die uitdagend opduikt

uit het oosten / van zijn kleine smaragden eiland / hij komt altijd weer wankel wankel

Komt terug naar stranden / van een grijze metalige vlucht / naar geruis van wielen / naar het doffe Noordelijke Randweg-geraas

zijn kreukelige kussengolven / omwoelend omwoelend / rijst eilandman op

Weer een Londense dag

Grace Nichols (1950) Gyuanaans

Vertaling Jan Eijkelboom

Brathwaite: Columbus

columbus ontdekt

Een knielende Columbus zet voet aan wal in Amerika

Columbus

Columbus zag vanaf zijn achter- / dek bebaarde vijgebomen. Gele pouis / vlamden als pollen en dunne

watervallen hingen in het groen / terwijl zijn blik klom naar de hoogste richels / waar onze hoeven verborgen lagen.

Nu was hij er zeker van / dat hij zachte spottende stemmen hoorde in de bladeren. / Wat betekent deze reis, betekende

deze nieuwe wereld? Ontdekking / of een terugkeer naar de gruwelen waarvan / hij was weggevaren? Was hij het zich bewust?

Ik zag hem pauseren.

Toen plaste hij door de stilte. / Krabben klapten hun klauwen dicht / en vluchtten weg terwijl hij liep naar onze kust

Kamau Brathwaite (1930), Barbados

vertaling Jan Eijkelboom

Peri Rossi: gelijkenis

pinguins op smeltend ijs

Terwijl het eiland langzaam smelt. foto: Shutterstock

Op een drijvend eiland van ijs

Op een drijvend eiland van ijs / losgeraakt van Antarctica / reist een heel volk van pinguïns, / domme vogels die niet weten dat ze reizen. / Terwijl het eiland langzaam smelt / op weg naar de Atlantische oceaan, / werken de pinguïns, zwemmen, / vangen hun voedsel, planten zich voort / en geloven in de onsterfelijkheid.

Cristina Peri Rossi (1941), Uruquaans

Vertaling: poëziewerkgroep ccc

Les Murray: machineportretten met zwevende astronaut (fragment)

Olie-platform

De buitengaatse stalen muggen die neerstrijken op de zee

Machineportretten met zwevende astronaut

Aan de enorme oliepompende ladders die uit het landschap opschieten / en aan de buitengaatse stalen muggen die neerstrijken op zee / gaat waarzeggerij vooraf met op de in kaart gebrachte bodem aangesloten telefoons, / de dompe dynamietschok die vrachtwagens doet schudden en het reeksen uitschrijvend papier / als mannen er het nummer draaien van een onderaards geplooid koraalrif / of luisteren naar zwarte freudiaanse stranden; ze zoeken een immense puistige / rotskoepel van reine Ruwe, een St.Paul’s in profundus. Er zijn talloze / verkeerde nummers op de geofoon, maar hij bracht ons een heel eind, en met de auto. / Elke machine is liefde en een waarachtig antwoord geweest.

Les Murray (1938), Australisch

Vertaling Maarten Elzinga

Wonodi: aan de rand

vissers nigeria

Probeer te vissen op het eind van de dag Bron foto: SamSam.net

Aan de rand

Ik wacht op de kust / op het kerende tij / en op zeevogels met volle mond / garnalen gevangen op natte gronden.

Om mij heen brandt het zand, / hittetrillingen komen omhoog / van onder mijn voeten / en lemen muren barsten; / toch klinkt er gekakel in kroegen.

Want ik, die boerderij in de middag, / eet van andere boeren / en probeer te vissen op het eind van de dag…

Maar ik heb moeten wachten, / geduldig, / wachtte op de terugkeer van Aka / die, onaangeraakt door de vloed / bij het vloeien van dag en nacht, / zijn voorvaders aas aanhaakt / en jaren en jaren vooruitziet.

Ik zal wachten op zijn terugkeer, / wachten op het keren van het tij / zodat er boomstammen groeien / uit het zilt van vroege overstromingen.

Okogbule Wonodi (1936), Nigeriaans

Vertaling Jan Eijkelboom

Vieira: in de slavenhaven, gedicht bij de zee in dit jaar 1970

slavenschip-de-Leusden-aan-boord4

In de slavenhaven, gedicht bij de zee in dit jaar 1970

Hoewel het blauw / helder is / en in wit verdwijnt / op het fijne zand, / en de wind de diepte der palmen / tot gezangen snijdt, / is er nog steeds het bloed / dat fluistert in de golven; / op volle zee verflarden / de gewonde kreten van slaven. / Boven de oude graven en het voormalige fort / van door het zout vervormde steen, / slapen warm / de vette hagedissen, / maar toch klinkt / tussen de gaten / pijnlijk en aanwezig / het snikken van kinderen / en het klagen van bruiden, / tot begeleiding van het wiegen / van slavenschepen.

Sérgio Vieira (1941), Mozambiquaans

Vertaling Harrie Lemmens