Pauline Slot over hoe je de ander kunt kennen

Het is een intrigrerend boek en een aanbevelenswaardig kleinood: Zuiderkruis van Pauline Slot. Het was haar debuut in 1999. Het werd het best ontvangen debuut van dat jaar. Kort door de bocht de inhoud: een vrouw heeft een vriendin. Die overlijdt tijdens haar backpackers-tocht over het zuidelijk halfrond (denk aan: Australië, Nieuw-Zeeland en de Fiji-eilanden). Na twee jaar besluit de vrouw dezelde reis over te doen om er achter te komen wat haar vriendin dreef.

Het is een boek waarin de relatie tot de ander onderwerp van onderzoek is. Hoe kun je de ander kennen. Wat weet je van je beste vriendin? Was het zelfmoord? Het lot? Welke rol speel jezelf in het leven van de ander? Veel vragen, een paar antwoorden; veel gedachten en veel observaties. Wat mij in dit boek ook opviel is het geluid. Regelmatig wordt de rol van het (omgevings)geluid belicht.

Hoofdpersoon Emma volgt de sporen die haar vriendin Floor achterliet in de vorm van brieven. Uiteindelijk belandt ze op de plek waar Floor het leven liet. En dan:

In de koraalriffen zag ik haar overal: zij die daar beneden was geweest. Tussen de kleurige vissen, die doelbewust door het water schoten, zag ik hoe haar lichaam zachtjes naar beneden viel, en dan weer werd opgetild en meegevoerd. Zij had zich als een astronaute onttrokken aan de zwaartekracht. Haar haar golfde mee met het water, en werd alle kanten op gedragen: soms een stralenkrans, dan weer een school zeeslangen, soms gladgestreken, uitgestrekt, dan weer zich windend om onzichtbare vingers. Haar blik was uitdrukkingsloos als die van de vissen, met hun ogen altijd gedrukt tegen het vloeibare venster dat de zee is. Wezens die geen liefde kennen. Zij was helemaal opgevuld met water.

Uit: Zuiderkruis, Arbeiderspers Amsterdam, 1999

slot, pauline, paulineslot.nl

bron foto: paulineslot.nl

Pauline Slot (1960, Den Haag)

Erik Solvanger: bezoedeld is men

Bezoedeld is men

al bij de geboorte / zeggen mensen / dat je mooi bent

en dat terwijl / je alles onderpoept / en met je bloederige slijm / gevouwen huid / al rimpelt

zo ben je / meer een attractie / dan een mooie verschijning

daar is niets mis mee

maar het is de eerste leugen die je leert / dat schoonheid / zou bestaan, zomaar

in je schoot geworpen

Uit: Eenvoudig schedellichten, 521 Amsterdam, 2004

medischcontact, solvanger erikbron foto: medischcontact.nl

Erik Solvanger (1972, Zeeland)

Laura Starink verwoordt Duitse dilemma’s

duitse wortels, rd.nlbron foto: rd.nl

Die oorlog (maakt het uit welke?) brengt het slechtste in de mens los en boven. Het is ook een onuitputtelijke bron om over te schrijven. Het laat mij (en ons, vermoed ik) niet los. Er is een oneindige honger naar verhalen van mensen die het (aan den lijve) hebben meegemaakt. Gewone mensen, niet de uitzonderingen: de helden en de meedogenloze slachters. Niet de extremen, maar de dagelijkse gang. Komen zij (de gewonen, gemiddelden, het midden) wel aan bod in de geschiedenis?

Gelukkig wel, zoals in het boek Duitse wortels van ex-NRC-correspondente in Moskou, Laura Starink. Zij schreef haar familegeschiedenis (die van haar Duitse moeder) op over het leven in de oorlog in Silezië (Duits-Poolse grensgebied). Daarin komen de dilemma’s aan bod. Over de invloed van de nazi’s op dat dagelijkse leven. Over wat je kon weten over wat er gebeurde met de joden. Over wat je kon doen tegen een strak militair georganiseerde samenleving waarin velen werden uitgesloten en geweld aan de orde van de dag was. Waar buren verraad konden plegen en iedereen verdacht was die niet de nationaal-socialistische zaak aktief steunde. Een schrijnend vorbeeld uit dat boek:

In de roman Gleiwitz van Horst Bienek zegt een van de personages, een treinmachinst met de naam Franz, in de loop van 1944 onverwachts tegen zijn vrouw dat hij zich vrijwillig heeft aangemeld voor de Wehrmacht. Ben je nou helemaal gek geworden, zegt Anna, zijn vrouw. De oorlog loopt op zijn einde, dankzij je baan heb je het front al die jaren weten te vermijden en nu zou je je alsnog aanmelden om te sneuvelen in Rusland? Franz legt haar zijn vreemde besluit uit. Hij rijdt al een half jaar veewagons vol joden naar Auschwitz. Bij aankomst in Birkenau zijn velen al dood. Franz kan er niet van slapen. ‘Ze sterven daar als vliegen. Elkde dag worden er mensen verbrand. Soms kun je het ruiken.’ Er is iets bij Franz geknapt toen hij in een van de wagons joodse bekenden zag uit Gleiwitz, die een dag eerder vanuit de Gestapogevangenis in Kattowitz op de trein waren gezet. Vraag dan overplaatsing aan, stelt Anna voor. Dat heb ik geprobeerd, zegt Franz, maar dat staan ze niet toe. Ik had nooit partijlid moeten worden. Als ik niet naar het front ga, moet ik die treinen blijven rijden. ‘Sieh nicht hin, Franzek, sagte sie. Überall ist heute Elend.’

Uit: Duitse wortels. Mijn familie, de oorlog en Silezië, Olympus Amsterdam, 2013

Laura Starink (1954)

 

Jordan Casteel kleurt haar omgeving

jordan casteel 1jordan casteel 2jordan casteel 3

Jordan Casteel (1989, Denver, USA) is ‘hot’ in de VS. Haar werk verkoopt en is populair. Geboren in Denver, verhuisde ze naar Harlem, New York. Daar trekt ze met enige regelmaat de wijk in met haar foto-camera. Foto’s zijn de basis voor haar schilderijen, zoals aan de poses te zien is. Haar portretten van buurtbewoners zijn groter dan echt. Lichtval, kleur en de manier waarop Casteel met verf en kwast omgaat, maken haar schilderijen uniek en opvallend. Belangrijk onderdeel van het schilderij is altijd de omgeving waarin de geportreteerde zich bevindt.

Uiteraard schildert Casteel portretten van zwarte mensen, maar op de schilderijen zien we de geschilderde mensen zelden in die kleur. Wel in groen, paars of zelfs een beetje bleekjes. Casteel doet dat om te laten zien dat we (voor)oordelen over die kleur, onbewust of bewust. Ze schildert figuratief omdat ze niet anders zegt te kunnen. Ze maakt portretten omdat zwarte mensen zelden of nooit op een schilderij te zien zijn en al helemaal niet geschilderd door een jonge, zwarte, zelfbewuste vrouw. Dat ze kiest voor groepsportretten en naakten, is een onderdeel van de bewustwording die haar kunst los moet maken.

jordan casteel 4jordan casteel 5jordan casteel 6

Sylvie Marie: ACT

ACT

ik heb zinnen als boterhammen voor onderweg gestapeld / om de tijd met jou gezellig te maken, geloof maar / dat ik verstandig en ad rem ben.

ik weet niet hoelang ik dit volhoud / en of we wel passen met al dat smeren. / wat zeg ik als je almaar bij me bent?

ik kan geen trompettist zijn / die zichzelf altijd weerspiegeld ziet als hij speelt, / ik snap wel waarom ze het koper tegelijk boenen en bespuwen.

en zeg niet dat zulke zaken naderhand beter worden, we zijn geen wijn.

Sylvie_Marie,reportersonline.bebron foto: reportersonline.nl

Uit: Altijd een raam, Podium Amsterdam, 2014

Sylvie Marie (1984, Tielt, België)

Hans van der Meer fotografeerde het voetbalveld zoals de amateur dat herkent

Hans-van-der-Meer-voetbalveld 1Hans-van-der-Meer-voetbalveld 5Het voetbalveld is geen onbekend terrein. Er zijn heel wat mensen die gevoetbald hebben, nog voetballen of die kinderen hebben die voetballen. Bekend is: niet al te veel publiek langs de lijn; de invloed van weer en wind; de omgeving waarin het veld zich bevindt en niemand die de balt ophaalt als ie ver over de buitenlijn belandt.

Al die aspecten vindt je terug in het prachtige fotoboek Hollandse velden van fotograaf Hans van der Meer (1955, Leimuiden), dat in 2004 verscheen. Ik kwam de foto’s weer eens tegen in het boek The Low Countries 20. Een feest der herkenning met veel gevoel voor mens en landschap vastgelegd. De teksten in het boek werden geschreven door Jan Mulder. Dat moet voor hem een plezierige uitdaging zijn geweest.

Hans-van-der-Meer-voetbalveld 2Hans-van-der-Meer-voetbalveld 4Hans-van-der-Meer-voetbalveld 6

Bijna iedere dag muziek: Sufjan Stevens

Muzikale alleskunner Sufjan Stevens kwam tot mij door een akoetisch liedje waarin hij zichzelf op banjo begeleidde. Was dit Paul Simon? was mijn eerste gedachte. Daar deed het me aan denken. Maar het was anders, heel anders zou blijken. Stevens speelt veel instrumenten, maakt veel liedjes en is niet vies van experimenten. Zo wilde hij aan elke staat die de USA rijk is (51), een album wijden. Kerstliederen maken. Live optreden met een groot gezelschap enz. Aan ambities geen gebrek. Zijn muziek is verre van eenvoudig: gelaagd, akoetisch, orchestraal. Maar hij schuwt ook de gitaar, de piano of de banjo niet. En altijd is daar die stem, die van daarboven op ons nietige luisteraars neerdaalt. En die zingt over de laatste uren van zijn moeder (Sufjan aan het sterfbed) of over de moordenaar die zijn lijken onder de vloer verstopt. Iemand om met interesse te volgen…

David Schnell’s werk zuigt je het schilderij in

David-Schnell 2David-Schnell 4David-Schnell 6Perspectief in een nieuw perspectief. Kunstenaar David Schnell (1971, Leipzig, Duitsland) heeft het perspectief in de Renaissance bestudeert en de weerslag van zijn bevindingen vind je in zijn huidige werk. Het oog van de toeschouwer wordt het schilderij ingetrokken, op zoek naar het verdwijnpunt.

Afstand nemen en je weer onderdompelen in zijn werk. Een fysieke gebeurtenis die wel iets vergt van de toeschouwer. Zelf zegt hij dat hij aan meerdere schilderijen tegelijk werkt en schilderijen omkeert, om rust en afstand te nemen.

Zijn schilderijen doen erg aan landschappen denken. Je vermoedt plassen, bomen, struiken. Ga je dichter op het schilderij, dan zie je grafische vormen. Dat maakt het werk zowel figuratief als abstract. Een wonderlijke wereld, die van David Schnell, met een wonderlijke werking op het gestel van de toeschouwer. Binnenkort te zien in het Drents Museum in Assen (2020, 19 januari tot en met 3mei).

David-Schnell 7David-Schnell 1David-Schnell 5