Adriaan Morriën over vaders en de Spaanse griep (de vorige pandemie)

Waarom ik geen Dante-specialist ben geworden van schrijver Adriaan Morriën (1912-2002) heeft twee gezichten. Er zijn de verzonnen verhalen en de autobiografische notities. De verzonnen verhalen zijn van wisselende kwaliteit. Het titelverhaal is een oefening in modernistisch schrijven, die wat mij betreft mislukt is. Zijn autobiografische aantekeningen zijn een stuk interessanter.

1912 Op 5 juni te IJmuiden geboren als derde kind van Gerrit Morriën, zeilmaker, en Neeltje van der Kuil, dochter van een visserman die bij IJsland over boord is geslagen en verdronken. Mijn vader is voor mijn moeder gereformeerd geworden. Ik word vernoemd naar mijn grootmoeder van vaderszijde, een voor een jongen enigszins smadelijke naamgeving. Mijn grootvader van vaderszijde, die eigenlijk aan de beurt was geweest, wordt overgeslagen omdat hij, vermoedelijk onder invloed van sterke drank, te water is geraakt en eveneens verdronken. Er wordt thuis nooit over hem gesproken. Hij verblijft hoogstwaarschijnlijk in de hel.

1914 Bij het uitbreken van de eerste wereldoorlog wordt mijn vader gemobiliseerd. Als jongste kind mag ik in zijn afwezigheid bij mijn moeder slapen. Wanneer mijn vader met verlof komt, weiger ik hem van het station te gaan afhalen. Geheel gekleed verschuil ik mij in de bedstee van mijn ouders waar mijn moeder mij na lang zoeken vindt. Gedurende mijn hele jeugd onderga ik de aanwezigheid van mijn vader in huis als storend.

1919/1920 Spaanse griep, mijn eerste geduchte kennismaking met ziekte en dood. Mijn moeder krijgt als laatste griep, nadat zij mijn vader en de kinderen eerst allemaal heeft verpleegd. Een vriendje gaat aan longontsteking dood en verdwijnt uit het straatbeeld. Ik moet een tijdlang staalpillen slikken en krijg elke avond ook een lepel levertraan waardoor ik, besef ik later, pas goed deel ga uitmaken van het Nederlandse volk. Sinaasappelen, mandarijnen en bananen, zg. zuidvruchten, en chocoladerepen zijn zeldzame lekkernijen. Room, melk en eieren behoren tot de versterkende middelen.

Uit: Waarom ik geen Dante-specialist ben geworden, Bezige Bij Amsterdam, 1973

morriën, adriaan; wehkamp.nlAchterzijde Verzamelde gedichten; bron foto: wehkamp.nl

Adriaan Morriën (1912-2002, IJmuiden)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s